Inhoud maart 2005:

Thomas Bernhard · Atem

Thomas Bernhard · Kälte

Theodor Holman · Vadermoord

Thomas Bernhard · Muizen, ratten en dagloners

Hans Höller · Thomas Bernhard

Thomas Bernhard · Kind

Gerrit Komrij · Demonen

Boekenweektest

Jan Wolkers · Zomerhitte

Henk van Os · Moederlandse geschiedenis

Kees Sorgdrager · Bolhoed van Piet de Jong

Milan Kundera · Kunst van de roman

Gerrit Komrij · Gouden woorden

Geert Mak · Amsterdam Dream

Geert Mak ea. · Opstand der Bataven

Adrian Verbree · Est

Gerrit Komrij · In liefde bloeyende

Remco Campert & Jan Mulder · CaMu 2004

Remco Campert & Jan Mulder · CaMu 1996

Joost Zwagerman · Wilde westen

Renate Rubinstein · Niets te verliezen en toch bang

Herman Vuijsje · Correct

Renate Rubinstein · Twee eendjes en wat brood

Hellema · Twente - een plaatsbepaling in de tijd

Guus Middag · Eerste keer

Jaap van Heerden · Proza waarmee je meisjes vangt

F.R. Ankersmit · Macht door representatie

Nevil Shute · Pastoral

Nevil Shute · Most Secret

Nevil Shute · So Disdained

Nevil Shute · Beyond the Black Stump

Nevil Shute · Trustee from the Toolroom

F.R. Ankersmit · Spiegel van het verleden

Nevil Shute · Round the Bend

Thomas Bernhard · Atem

Het derde deel in de reeks van autobiografische romans, maar het eerste waarin Bernhard de kronkelzin slechts sporadisch inzet. Hij heeft ook meer te beschrijven dan in de eerdere boeken, die eerder herinneringen aan woorden leken dan herinneringen in beelden.

De hoofdpersoon in dit boek is er direkt al zo slecht aan toe dat hij vrijwel meteen op de ziekenzaal wordt gelegd die patiënten enkel dood weer verlaten. Vanuit zijn hoekje ziet hij bedden waar een paar uur nadat iemand erin stierf alweer nieuwe krepeergevallen komen te liggen.

Maar hij overleeft. Ten koste van tweeëntwintig kilo lichaamsgewicht.
Dan moet hij uit de krant lezen dat zijn grootvader overleden is; de man die hem opvoedde, omdat zijn moeder hem enkel verweet haar leven verwoest te hebben. Er is geen zichtbare vader. Thomas Bernhard werd in het Nederlandse Heerlen geboren, in een opleidingsgesticht voor vroedvrouwen dat ook een tehuis voor gevallen meisjes was.

Het is éen drama al drama dit boek, en vooral in het begin zo indrukwekkend dat het naar het eind toe wat wegloopt.

Thomas Bernhard, Der Atem
Eine Entscheidung

124 pagina’s
Deutscher Taschenbuch Verlag © 1978 oorspronkelijk

in: a-z, [auto]biografisch, Deutsch [& übersetzt]

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Thomas Bernhard-pagina

Thomas Bernhard · Kälte

Na drie normale romans lijkt dit ineens slechts een opgeklopte novelle te zijn, die door de grote gebruikte letter de normale hoeveelheid pagina’s vullen moet.

De hoofdpersoon in deze autobiografische reeks is in een sanatorium aangekomen voor longpatiënten, en valt daar buiten de groep omdat hij nog altijd geen open tuberculose heeft, zoals de anderen.

Er staan veel onsmakelijke details in dit boek, over de brute behandeling van patiënten en primitieve geneeskunde uit die tijd. Zo krijgt de hoofdpersoon op een gegeven moment een Pneumoperitoneum; een buikventiel vlak boven de navel waardoor hij eens in de veertien dagen opgepompt wordt als een voetbal, zodat de boel daarbinnen zo tegen zijn beschadigde long aandrukt dat die daardoor genezen zal.

Maar goed, zijn grootvader overleed door een verkeerde medische behandeling. En ook zijn moeder sterft in dit boek, nadat haar kanker lang verkeerd behandeld is. Een dood die hij opnieuw uit de krant moet vernemen.

Thomas Bernhard kiest aan het eind van dit boek tegen de keuzes van zijn doktoren, wat al de halve genezing zal blijken te zijn.

Nee, een vrolijke reeks is dit niet.

Thomas Bernhard, Die Kälte
Eine Isolation

151 pagina’s
Deutscher Taschenbuch Verlag © 1981 oorspronkelijk

in: a-z, [auto]biografisch, Deutsch [& übersetzt]

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Thomas Bernhard-pagina

Theodor Holman · Vadermoord

Wanneer werkt een persiflage? Of anders gezegd: hoe subtiel moet de overdrijving van de maniertjes van een bekend persoon zijn, wil het grappig worden?

Sinds enkele jaren is het op televisie weer in om bekende Nederlanders te imiteren, met een lijkende pruik op, wat grime, en een stemmetje. Helaas schijnt dat meestal al genoeg te zijn. De grappen houden namelijk nooit over.
Ik zie zelden meer als lui cabaret. Als ik al niet meteen ben weggezapt.

Schrijvers persifleren, of bekende columnisten parodiëren, is in zekere zin nog veel makkelijker dan een poppetje nadoen op televisie. Papier is geduldig, en iedereen kan zonder problemen een bekende naam onder zijn schrijfsels zetten om die iets te laten lijken.

Dit boek van Theodor Holman bevat pastisches op iedereen die een bekende columnist was in het midden van de jaren tachtig. Het zijn stijloefeningen van iemand die toen net met de stiel begon, en eigenlijk alleen in die zin interessant. Sommige zijn allang door de tijd achterhaalt. En ook de meeste humor is opvallend snel verouderd.

En toch. Niet zelden een instructief voorbeeld van waarop te letten bij sommige schrijvers.

Theodor Holman, Vadermoord
120 pagina’s
Uitgeverij C.J. Aarts © 1986

in: a-z, humor, fictie nederlandstalig

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Theodor Holman-pagina

Thomas Bernhard · Muizen, ratten en dagloners

Ik moest Thomas Bernhard even in het Nederlands lezen. Domweg omdat van mijn bewondering voor hem zo weinig overbleef toen ik de reeks van vijf autobiografische romans las. Wat ooit briljante scheldpartijen leken, kwam me nu vaak zo hol en ledig voor.

Dit interviewboek helpt dan even. Al was het maar omdat Thomas Bernhard weliswaar de hele tijd aan het woord is, maar zijn kronkeltaal daarbij geredigeerd werd door de journalist die de interviews afnam. Dat de schrijver zijn ideeën nu onomwonden uitspreekt – iets dat in een gesprek wel mag, maar in bellettrie minder goed werkt – helpt me dan ook weer de keuzes in zijn boeken iets beter te begrijpen.

Bovendien herontdek ik nu ook dat de autobiografische romans gaan over de periode in zijn leven voor het interessant werd, voor mij. Thomas Bernhard begon even nadat hij uit het longsanatorium kwam als journalist te werken. Het was aardig geweest om wat beter te leren wat de oudere schrijver over zijn jongere ik te zeggen had, van toen die het métier oppakte.

Maar Bernhard hield eigenlijk helemaal niet van terugkijken, zo zegt hij in deze scherpe monologen.

Thomas Bernhard, Muizen, ratten en dagloners
Opgetekend door Kurt Hofmann

120 pagina’s
Uitgeverij De Prom © 1990 vertaling Gerrit Bussink

in: a-z, vertaald, [auto]biografisch, Deutsch [& übersetzt]

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Thomas Bernhard-pagina

Hans Höller · Thomas Bernhard

Ik heb iets tegen secondaire literatuur over schrijvers. De ijverige uitleg die een literatuurwetenschapper of beunende journalist geeft over iemands leven, voegt zo zelden iets toe aan de boeken. Een kunstwerk staat op zich. Maakt niet uit wat voor hufter de maker in zijn of haar privé-leven was, of wat die voor onmogelijke gedachten had.

Een schrijver moet ook onaangepast durven denken. Anders vind ik er niets aan. Maar te vaak wordt alleen het al bekende verhaal herschreven, en dat vermaak brengt de televisie inmiddels beter.

Enfin, dit boekje stond nog in de kast. Het is vreselijk om te lezen, want de auteur begrijpt alles zo goed, maar nuttig als naslagwerk voor de beslissende data in Bernhard’s leven en de opgenomen bibliografie.

Hans Höller, Thomas Bernhard
160 pagina’s
Rowohlt Taschenbuch Verlag © 1993

in: a-z, [auto]biografisch, Deutsch [& übersetzt]

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Hans Höller-pagina

Thomas Bernhard · Kind

Het bevreemdde me altijd dat alleen deze roman maar in het Nederlands vertaald was, en als enige in die reeks van vijf werd opgenomen in de serie Privé-Domein van de Arbeiderspers. Nu ik elk van Bernhard’s autobiografische boeken heb gelezen, is me beter duidelijk waarom. Dit boek is het rijkst van de vijf. Al was het maar omdat de andere delen nauwelijks afwisseling in toon brengen. Ook in Ein Kind komt weer genoeg ellende voor, maar nu worden alle beproevingen voor de hoofdpersoon tenminste nog zichtbaar afgewisseld met liefde voor hem. Van zijn grootvader.

Voor zijn moeder was Thomas Bernhard de oorzaak van al haar ellende. Zijn vader wilde of kon niet met haar trouwen, en zij week noodgedwongen zwanger uit naar Nederland. Om aan de schande te ontkomen ongehuwd een kind te dragen.

Gelukkig dat er die grootvader dus nog was.

Maar als ik mijn oordeel over de hele reeks moet samenvatten, speelt dat bijna permanente gemis aan liefde, of zelfs maar normaliteit, in deze boeken toch wel een grote rol. Ook verteltechnisch had het waarschijnlijk pakkender teksten opgeleverd als de schrijver iets meer lucht had geboden tussen de enorme hoeveelheid ellende door. Dat moet zelfs in een autobiografie mogelijk zijn. Want, na een opluchtende lach komt een volgende klap juist extra hard aan.

Maar, als er slechts striem op striem blijft volgen, treedt verdoving op, en tenslotte lijdzaamheid. Zeker bij deze lezer.

Thomas Bernhard, Ein Kind
167 pagina’s
Deutscher Taschenbuch Verlag © 1982 oorspronkelijk

in: a-z, [auto]biografisch, Deutsch [& übersetzt]

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Thomas Bernhard-pagina

Gerrit Komrij · Demonen

Komrij intiem. Maar dan altijd nog met het voorbehoud dat hij heel goed weet hoe zeer een schrijver zich ook al blootgeeft als die over heel andere onderwerpen schrijft dan zichzelf.

Bij het herlezen stoorde me meer dan prettig was hoe veel persoonlijke informatie er uit dit boek wordt uitgelicht in dat onlangs verschenen Schrijversprentenboek. Daar gebeurt het onbarmhartig, waarmee de samensteller zich een onplezierig schel lachende roddelneef toont. Komrij is in Demonen tenminste nog zo kies geen namen te noemen als hij enkele vetes uit zijn leven beschrijft. Bovendien verwoordt hij vooral zijn teleurstelling en verwondering over het wangedrag van al die anderen.

Dat is ook niet raar.

In zijn hele werk klinkt teleurstelling door. Gerrit Komrij heeft een goed oog voor de morele corruptie van politici en de chronische gemakzucht van televisiemakers bijvoorbeeld. Of de gebreken bij schrijvers.

Ik schreef hier eerst: Komrij heeft hoge standaarden. Maar dat is de verkeerde formulering. Want als Gerrit Komrij teleurgesteld wordt in zijn verwachtingen dan komt dat niet eens omdat hij buitennissig hoge eisen heeft. Het is juist de rot overal die verbaast; de op niets gebaseerde zelfgenoegzaamheid die in Nederland nog altijd weer verder voortgekankerd is dan een redelijk mens zich voor kan stellen.

Met diezelfde bevreemde blik kijk ik ook. En als Komrij mij op zijn beurt weleens teleurstelt, ligt dat niet ook aan diens diagnoses, maar aan het ontbreken van analyse bij hem. Heel veel dieper dan de oppervlakte krabben zijn scherpe nagels meestal niet. Maar goed, misschien ligt mijn verwachtingspatroon in deze juist te hoog, omdat ik historicus ben en analyses verwacht.

Demonen hoort trouwens nu al wel tot éen van mijn favoriete boeken van hem, samen met Humeuren en temperamenten. Vanwege de mijmeringen vooral.

Gerrit Komrij, Demonen
Autobiografische verhalen

222 pagina’s
Uitgeverij De Bezige Bij © 2003

in: a-z, aanbevolen 2005, [auto]biografisch, fictie nederlandstalig

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Gerrit Komrij-pagina

Boekenweektest

Een gratis boekje vermomt als prijsvraag, te bekomen bij de Openbare Bibliotheek. Er staan fragmenten uit elf vrij populaire boeken van of over bekende Nederlanders [oeps, en een buitenlander], waaraan de lezer de achterin gepubliceerde tekeningen van Joost Swarte moet koppelen. En alleen om die tekeningen ging het mij.

Vrijwel alle puzzels zijn zo simpel dat de namen niet eens gegeven hadden hoeven te worden. Tenzij dat iemand denkt dat onderstaande tekening Pim Fortuyn uitbeeldt, of koningin Wilhelmina.
 

Boekenweektest
Joost Swarte tekent onze geschiedenis

80 pagina’s
Uitgegeven door het CPNB en de Openbare bibliotheken © 2005

in: boekenweekboeken, a-z

[+] zie de gerelateerde titels | 

Jan Wolkers · Zomerhitte

Leest er iemand eigenlijk nog weleens een boekenweekgeschenk van jaren terug? Gewoon, vanwege de literaire kwaliteiten van zo’n boekje? Ik weet dat er mensen zijn die ze verzamelen, maar dat zegt niets. Postzegelverzamelaars ontvangen ook niet per se extra veel post.

Voor mij is het Boekenweekgeschenk altijd een soort eenhapscracker. Het ene jaar zit er wat flauwe paté op, de volgende keer wat tranige haring, of stopverfkaas met gember. Bijzonder is het nooit, exclusief al helemaal niet, maar ik pak het toch in de loop maar even mee. Want het kost nu eenmaal niets.

Jan Wolkers heeft dit jaar een misdaadromannetje geschreven met talloze beschrijvingen van de natuur op een waddeneiland en vaak nogal onnatuurlijk pratende personages. Er wordt wat gesmokkeld, er valt een dode, er wordt wat gevingerd en ook nog geneukt, en op het laatst vertrekt de zwijgzame held met de heldin naar vaste wal.

Ze kregen elkaar.

En ach, het verveelde allemaal niet. Hap-slik-weg.

Vreemd genoeg is me dit jaar niet opgevallen dat de Christelijke boekhandels aankondigden een eigen geschenk te gaan voeren. Dit is anders elk jaar traditie, omdat er in het CPNB-geschenk altijd wel profane taal staat, of sex voorkomt. Wolkers, moeten ze gedacht hebben, daar hebben veertig jaar geleden de discussie al tegen verloren. En dan ook nog zo’n goddeloos naakt wijf op de voorkant…

Jan Wolkers, Zomerhitte
92 pagina’s
Stichting CPNB © 2005

* update 11 maart 2005: Ronald meldde dat me dat er ook dit jaar wel degelijk protest is vanuit de religieuze hoek (maar dit het nieuws niet haalt omdat er elk jaar commentaar is). Het boekje dat de Christelijke boekhandel voert, heet Est, is van Adrian Verbree, belooft veel geworstel en kost €2,50 .

in: boekenweekboeken, a-z, fictie nederlandstalig

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Jan Wolkers-pagina

Henk van Os · Moederlandse geschiedenis

Het Boekenweekessay ditmaal is éen van de aardigste van de laatste jaren. Al kan het gezien worden als propaganda voor een wat primitief nationalisme, doordat er ook een pleidooi in zit voor het belang van geschiedenisles op school. Maar eigenlijk heb ik maar twee kritische opmerkingen: had het ding een euro duurder gemaakt zodat de illustraties tenminste in kleur hadden kunnen worden afgebeeld. De plaatjes zijn nu wel erg grijs. En ook miste ik een afbeelding van de sjofele bureaustoel van Drees, terwijl die in de tekst toch vrij prominent langskomt als beeld van een tijdperk.

Henk van Os legt in dit boek het effect van de “historische sensatie” uit. Deze frase werd ooit gemunt door de historicus Huizinga en staat voor het plotselinge besef dat iemand kan overvallen even contact te hebben met het verleden. Die sensatie is strikt persoonlijk. Ook is de trigger voor dit effect voor iedereen anders.

Of niet?

Van Os bepleit onder meer het idee om museumtentoonstellingen ook in te richten met voorwerpen uit de tijd waarin de kunst gemaakt werkt. Van te voren is niet te zeggen wat bij iemand een historische sensatie te weeg kan brengen, maar er kan natuurlijk wel iets aan de voorwaarden worden gedaan.

De afgebeelde tong van Jan de Wit die bij het volksgericht werd afgesneden riep bij mij alleen iets anders op dan sensatie.

Enfin.

Henk van Os beschrijft in het essay wat bij hem een aantal keren het idee gaf het verleden te kunnen aanraken. Willemstad als goed bewaard vestingstadje zien opdoemen tijdens een grijsgeregende wandeltocht, of het oude Hanzestadje Hasselt benaderen per boot.

Zelf ken ik die historische sensatie ook, zonder daar verder nu veel conclusies aan te verbinden. Bij mijn onderzoekswerk in archieven trof ik regelmatig brieven en andere geschreven stukken aan die, sinds de natte inkt gedroogd werd met zand, nooit meer iemand onder ogen waren gekomen. Dat was speciaal. Maar meer indruk maakte op mij hoe zeer de dood voorheen een heel normaal verschijnsel was, bijvoorbeeld in de negentiende eeuw. Wat me opviel toen ik correspondenties doornam, en om de zoveel tijd zulke brieven weer van een rouwrand voorzien waren, vaak omdat er een kindje overleed.

Nee, historische sensatie of niet, het verleden is een vreemd land, waar ze dingen anders doen. Zoals de schrijver L.P. Hartley zei.

Henk van Os, Moederlandse geschiedenis
64 pagina’s
Stichting CPNB © 2005

in: boekenweekboeken, a-z, geschiedenis, cultuur

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Henk van Os-pagina

Kees Sorgdrager · Bolhoed van Piet de Jong

Dit is een bundeling van aangenaam relativerende radiocolumns die oud-journalist Kees Sorgdrager uitsprak in het onvolprezen programma OVT. Er zijn persoonlijke memoires bij over hoe hij het vak inrolde, maar ook beschouwingen waarin zijdelings over de kwaliteit van de parlementaire journalistiek wordt geoordeeld, of die van het politieke bedrijf zelf.

Zo had hij veel sympathie voor Pim Fortuyn, ondanks alle onderhuidse krankzinnigheid die hij ook bij deze politicus vermoedde. Maar Kees Sorgdrager ziet dat Fortuyn problemen signaleerde die de gewone kiezer ook al lang had opgemerkt, maar de politiek stelselmatig negeerde.

Ambiguër is Sorgdrager in deze bundel over dat rare spel tussen politiek en parlementaire pers. Duidelijk is dat hij walgt van de opmars van de doctorandusjes communicatie die de overheidscommunicatie aantoonbaar tot propaganda hebben gemaakt. Of van de Melkert’s en andere politici die geen normale zin meer kunnen uitspreken, en geen mening durven te formuleren zonder goedkeuring van een focusgroep.

Maar wat is de plaats van de journalist daarbij dan?

Sorgdrager haalt zelfs Max Weber’s Politik als Beruf aan om de pers zijn plaats te wijzen. De journalist is een buitenstaander en moet daar ook vrede mee hebben.

Toch geeft hij ook voorbeelden dat het loonde om gewoon vriendschappen aan te knopen met de politici die hem toevallig goed lagen, op het persoonlijke vlak.

Anderzijds is het vak veranderd, zeker sinds hij er mee stopte. Zowel politici als pers lijken tegenwoordig in een permanent heden te leven, waarin iedere toevallige hobbel luidkeels tot berg wordt benoemd. Historisch benul ontbreekt, en dus is alle relativeringsvermogen weg. En als iedereen hetzelfde maar op hetzelfde moment erg vindt, wordt het vanzelf ook een ramp.

Kees Sorgdrager, De bolhoed van Piet de Jong
176 pagina’s
Uitgeverij Balans © 2002

in: typisch hollands, a-z, politiek, media, bundels

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Kees Sorgdrager-pagina

Milan Kundera · Kunst van de roman

Zeven teksten over literatuur, die niet allemaal even boeiend zijn. Van de laatste lezing begrijp ik zelfs niet eens goed waarom die in dit boek staat. En de “vijfenzeventig woorden” met hun toelichtingen bieden ook al weinig nieuws voor wie weleens een roman van Kundera gelezen heeft.

Milan Kundera schreef deze teksten oorspronkelijk in het Frans. En ik vraag me af of hij met die taal ook de redeneertrant heeft overgenomen die in Frankrijk voor intellectueel doorgaat. De essays hebben soms zo’n holle galm in het Nederlands vertaald.

Het interessants zijn nog de stukken die hij schrijft over het werk van andere Tsjechen als Kafka of Capek, en waarin hij probeert te verwoorden wat hij denkt dat zij zagen. Daarbij staan de onvoltooide boeken van Kafka wel mijlenhoog boven zijn ontroerende brieven. Want, de roman is volgens Kundera bij uitstek geschikt om de werkelijkheid in gestyleerd en in lagen te beschrijven. Personages zijn in zijn eigen werk ook nooit mensen, maar gepersonifieerde ideeën. De roman is in elk geval geen bekentenis van de auteur, in Kundera’s opvatting.

En ik denk dat hij hier wel iets beet heeft dat mij stoort in tal van boeken die tegenwoordig als litteratuur verschijnen. Want, of dat zijn wel bekentenissen, ofwel ze gaan niet over het leven. Tegelijkertijd heb ik niet het idee Kundera’s romans nog te kunnen lezen, omdat de ideeën in de tekst mij daarbij in de weg staan.

[overigens heeft deze uitgave een kaft dat zeer geschikt is om scanners te testen. Mij lukte het in elk geval niet zonder dat de boel telkenmale vastliep]

Milan Kundera, De kunst van de roman
Essay

[vertaling Ernst van Altena]
166 pagina’s
Uitgeverij Ambo 2002 © 1986 oorspronkelijk

in: boeken over schrijven, a-z, bundels, cultuur

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Milan Kundera-pagina

Gerrit Komrij · Gouden woorden

Ooit besprak een recensent het meesterwerk Humeuren en temperamenten met de woorden: alweer een bundel opgewarmde krantenstukjes van Gerrit Komrij. Ik weet niet of het daaraan ligt, maar sindsdien staat er nooit meer in zijn bundels of de inhoud al eens ergens eerder werd gepubliceerd. Terwijl Gouden woorden toch gewoon de naam van Komrij’s huidige rubriek op de achterpagina van NRC-Handelsblad is. Daarin beschouwt hij vrijwel iedere donderdag de actualiteit via een vaak opvallend dom citaat van iemand.

Er wordt ook nogal wat onnozels gezegd in de media.

De zeventig columns in deze bundel beslaan de actualiteit vanaf de flirt tussen PvdA en CDA bij de vorming van het kabinet Balkenende 2 tot en met de afslachting van Theo van Gogh. Daarbij zijn zowel citaat als kritiek steeds toegelicht met twee regeltjes nieuws. Maar een inhoudsopgave ontbreekt, evenals een register met eigennamen. Terwijl bij mij nu al niet altijd meer duidelijk was waarom iemand genoemd moest worden. De LPF’er Maas bijvoorbeeld?

Steeds maar reageren op de actualiteit heeft als grote gevaar dat de reacties bij bundeling al verouderd zijn. Dat speelde nu toch al degelijk een paar keer mee. Als de om niets opgestookte opwinding eenmaal afgekoeld is, wordt het later moeilijk om nog te zien waarom iets tot zo veel gekrakeel moest leiden.

Komrij redt zich dan vaak nog wel door zijn schrijfkunst, en toont bovendien een scherpe blik te hebben. Maar dat allemaal maakte op het moment zelf altijd een veel grotere indruk. Al hebben sommige woorden in dit boek op zich eeuwigheidswaarde:

Ik geloof dat ik hiermee de definitie van de Nederlandse politiek te pakken heb. De regering stelt te rooskleurig voor. Het parlement mokt. De regering belooft beterschap. Het parlement glundert.

Waarna van voren af aan.

Nee, dit is wel degelijk een bundel met opgewarmde krantenstukjes; kliekjes van wat me al eens voorgezet was. Niets ten nadele daarvan, zo pakt de schrijver tweemaal geld voor die ene inspanning, en dat is alleen maar slim. Maar waarom moest het allemaal zo liefdeloos bij elkaar geharkt op de markt komen? Had er tenminste een vergeetwoordenboek aan toegevoegd, zoals in Horen, zien en zwijgen.

Nu steekt het mij slechts wat oppervlakkige meninkjes te hebben gelezen. Een diagnose over de puistjes en de huidschurft van de patiënt Nederland te hebben gezien, zonder iets meer te weten te komen over de rot die onderhuids voortkankert.

Gerrit Komrij, Gouden woorden
Of de jongste vaderlandse geschiedenis

160 pagina’s
Uitgeverij De Bezige Bij © 2005

in: typisch hollands, a-z, politiek, bundels

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Gerrit Komrij-pagina

Geert Mak · Amsterdam Dream

Misschien is het overdreven om de jaren tachtig van de twintigste eeuw als bepalend te zien voor ontwikkelingen waar we nog lang mee te maken zullen hebben. Het decennium maakte nu eenmaal op mij enorme indruk, omdat ik in die jaren van dertien drieëntwintig werd en grote stappen naar de volwassenheid deed, met alle mijlpalen die daarbij horen.

En toch.

De Koude Oorlog eindigde. Er werden wereldwijd belemmeringen in de kapitaalhandel weggenomen, wat de mondialisering van de economie plots enorm versnelde. De personal computer deed zijn intrede, en communicatie-infrastructuur werd gedigitaliseerd, wat die toenemende internationalisering ook mogelijk hielp maken.

De audiovisuele media commercialiseerden in Europa.

Ondertussen bezuinigden in Nederland de opeenvolgende kabinetten Lubbers het onderwijs kapot. En er was geen werk voor jongeren, ondanks dat al heel lang duidelijk kon zijn dat er nog nooit zo veel kinderen waren geboren als in de jaren zestig. Twintig jaar later zouden die een baan willen…

Ook werd het buurt- en jeugdwerk kapotgesaneerd. En dit is, althans volgens Geert Mak in zijn pas verschenen pamflet Gedoemd tot kwetsbaarheid, een belangrijke oorzaak achter de problemen die ontstonden in de wijken van de grote steden. Toen er moeilijkheden kwamen, was er niemand meer om de verantwoordelijke autoriteiten daarop te aan te spreken. Dit maakte het lang te makkelijk de integratieproblematiek van immigranten te negeren.

Maar dat is Mak’s opinie van dit moment.

Mede daarom leek het mij aardig om eens te kijken wat hij midden in de jaren tachtig schreef over de veranderingen die hij waarnam. In zijn allereerste boekje.

The Amsterdam Dream beschrijft vooral er een eind kwam aan de openheid die ontstond de jaren zestig en zeventig. Want, de politiek professionaliseerde en werd daarmee veel minder interessant voor mensen die geen carrière ambieerden in de ambtenarij of een bestuursfunctie in de publiek sector wilden. Maar daardoor werd het de autoriteiten ook mogelijk zich steeds minder aan te trekken van de bevolking.

Heel typisch is bijvoorbeeld dat in interviews met ministers en burgemeesters de burger steeds meer ter sprake komt als iemand die beschermd moet worden tegen criminaliteit, wanorde en andere bedreigingen en gevaren. Maar de burger die rechten heeft en zelf meedoet, over hem hoor je zelden of nooit meer spreken.

blz 41

Dit boek staat vol met klachten die op dit moment zonder wijziging weer in opiniestukken zijn over te nemen. Mak signaleert de opkomst een verwerpelijk neoconservatisme, hij klaagt dat de politieke cultuur door de televisie wordt beheerst. En:

Er rijzen steeds meer twijfels of, los van personen en partijen, ons bestuurssysteem de problemen van de komende decennia nog wel aankan. Hoe mooi dat systeem namelijk ook is, voor de éénentwintigste eeuw is het nooit gemaakt. Het drijft op verouderde modellen, verouderde probleemstellingen, op een wereld die allang voorbij is.

blz 102

Of iets anders bekeken:

Uit onderzoek naar de politieke ideeën van beleidsmakers komt telkens naar voren dat ze de neiging hebben om de wereld om zich heen te vereenvoudigen tot een beeld dat eenvoudig genoeg is om mee te kunnen werken.

blz 106

Dat ik me moet inhouden niet meer te citeren, zegt al genoeg. Mak komt tot scherpe analyses over de Nederlandse politiek in dit boek, die grotendeels nog altijd standhouden. Hoogstens is aan te merken dat hij zo zelden uitwerkt wat het structurele autisme van de overheden in de praktijk betekende. En ook begint hij zichzelf naar het eind toe wat te herhalen.

Maar vergelijk ik The Amsterdam dream met Gedoemd tot kwetsbaarheid valt op dat hij in het eerstgenoemde boek nauwelijks retoriek nodig heeft om zijn gelijk aan te tonen. Dit maakt dat mijn waardering voor zijn recente pamflet met terugwerkende kracht nog verder afneemt. Hij kan domweg beter.

Geert Mak, The Amsterdam Dream
Korte geschiedenis van de politieke
Cultuur in de jaren tachtig

134 pagina’s
Uitgeverij De Populier © 1986

Dossier Gedoemd tot Kwetsbaarheid

in: typisch hollands, a-z, politiek

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Geert Mak-pagina

Geert Mak ea. · Opstand der Bataven

Eerste deel uit een serie van vijfentwintig, die uiteindelijk een boekwerk van 708 pagina’s moet opleveren, op stevig papier. Waarbij het vooral om de ruim 1.500 illustraties gaat. Maar de €4,95 per deel vind ik aan de prijs, ondanks dat stevige papier.

Over de eerste opgetekende geschiedenis van Nederland gaat het hier, netjes in een paar honderd woorden naverteld door Geert Mak. Over de Bataven onder andere, die even in de geschiedenis opduiken om tweehonderd jaar later alweer spoorloos te verdwijnen. En ook gaat het nog een beetje over de Friezen, maar die woonden niet alleen in het gebied dat nu Nederland heet en vallen daarmee eigenlijk al buiten het bestek van de vaderlandse canon.

Daarnaast flirt Mak nog een beetje met wat duur de Nederlandse identiteit genoemd wordt. Hij onderscheidt daarbij drie vormende elementen. De eeuwige strijd tegen het water, die de mensen wel dwong tot samenwerking in plaats van strijd. Ook was hier een vroege stedencultuur met een afhankelijkheid van handel; wat tolerantie kweekte en de autoriteit van adel buiten de deur hield. En verder is er de scheiding tussen onder en boven de rivieren, die al in de Romeinse tijd werd gevestigd.

Maar dat is het enige wat hij erover zegt. Het gaat ook alleen om de plaatjes. Op dat stevige papier.

Geert Mak ea., Opstand der Bataven. Oktober 70
De 25 dagen van Nederland
Een compleet historisch overzicht

36 pagina’s
Waanders Uitgevers © 2005

in: a-z, geschiedenis

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Geert Mak ea.-pagina

Adrian Verbree · Est

Wat had ik verwacht van een werkje dat speciaal is uitgebracht om dezer dagen het Christelijke boek te promoten? Laat ik eerlijk zijn: een genredingetje. Zoals er in iedere Baantjer een dode valt maar de moordenaar meestal wel gevonden wordt, vermoedde ik ook dat een Christen-auteur een bekend stramien zou hanteren. De hoofdpersoon raakt van God los. Roert wat, hoert wat en snoert wat, maar komt dan in het diepst van alle ellende Jezus tegen. Om de zondag daarna weer met onvaste stem de psalmen mee te zingen in de kerk waar hij al jaren node gemist werd. Happy end.

Est verraste me door iets van dat stramien af te wijken. Maar dat was zo ongeveer de enige surprise.

Het boek gaat over de student kunstgeschiedenis Harmen, die verzwakt is door de ziekte van Pfeiffer. Hij past tijdens een ongekend hete zomer op het flatje van vrienden terwijl die in de VS zijn. Harmen is verliefd, maar weet niet of zij hem wel wil. Want zij gelooft, en hij is al wat van de kudde afgedwaald. Tot groot verdriet van zijn moeder.

Dan verschijnen er plots de letters “EST” op de deuren van enkele huizen in het dorp. Niemand die weet wat het betekent. En ik zal de plot niet verraden, behalve dan het boek voor de hoofdpersonen goed eindigt, want zij zijn uitverkoren.

Ach ja.

Maar, als ik afzie van die voorspelbare boodschap en een puur literair oordeel uitspreek, moet me vooral van het hart dat de tekst iets merkwaardigs naïefs heeft. Het was bij tijden of ik het platgeredigeerde proza las van een vroegoude tiener, die nog nooit een behoorlijk boek heeft ingekeken, laat staan zelf ooit iets beleefd te hebben.

Het verhaal zanikte maar in datzelfde saaie tempo door. Bovendien is de tekst gezet in een vreselijk geknepen schreefloos lettertje, wat heel vervelend las.

Enfin. Het was wel nuttig om te ontdekken dat er liefst twee evangelische boekhandels in mijn woonplaats zijn. Die elkaar ongetwijfeld fel beconcurreren.

Adrian Verbree, Est
96 pagina’s
Uitgeverij De Vuurbaak © 2005

in: boekenweekboeken, a-z, religie

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Adrian Verbree-pagina

Gerrit Komrij · In liefde bloeyende

Dit is opnieuw een Komrij-bundel waarin de informatie ontbreekt dat alle stukken eruit al eens eerder elders verschenen. Op de achterpagina van NRC-Handelsblad. Toch vind ik dat in dit geval cruciale informatie. Deelvraag in het permanente onderzoek naar mijn leesgewoonten is ook of er artikelen zijn die ik in een krant wel lees, maar in een boek juist niet. Of andersom.

Ik herinner me de poëziebesprekingen die nu zijn opgenomen in In liefde bloeyende toendertijd met veel plezier gelezen te hebben. Komrij theoretiseert niet, en hamert er niet op waarom sommige regels uniek zijn en andere niet. Nee, hij doet verslag van zijn leeservaringen van wat favorieten uit alle poëziebloemlezingen en een groot tal onbekende gedichten uit de geschiedenis van het Nederlands. Honderd gedichten in totaal.

Maar, zo gebundeld werkte dat voor mij niet, hoewel ik me kan voorstellen iets aan dit boek als naslagwerk te hebben. Poëziebundels lees ik nu eenmaal ook niet lineair, van kaft tot kaft. Een gedicht af en toe blijft fijn. Maar zelfs door een meesterlezer besproken is te veel te veel.

Gerrit Komrij, In liefde bloeyende
379 pagina’s
Uitgeverij Bert Bakker © 1998

in: a-z, bundels, poëzie

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Gerrit Komrij-pagina

Remco Campert & Jan Mulder · CaMu 2004

Hoewel ik geen abonnee van de Volkskrant meer ben, is het wel prettig de aardigste onderdelen van die krant toch nog eens te kunnen lezen. Al speelde bij de aanschaf van deze bundel mee dat ik er van houd reeksen compleet te hebben.

Jan Mulder en Remco Campert publiceren al sinds 1996 om de beurt een column linksonder op de voorpagina van die krant. In de eerste verzamelbundels daarvan stonden de columns van Campert altijd op de even pagina’s en die van Mulder steeds rechts. En dat was ook wel prettig; het herinnerende aan dat strikte ritme in de krant. Maar nu is die zekerheid losgelaten. Omdat er bijvoorbeeld op tweede paas- en pinksterdag geen krant verschijnt, staan er dan ineens twee columns van Mulder achter elkaar in dit boek, waardoor de schrijvers van kant wisselen. Maar goed, aan hun stijl is ook wel te herkennen wie wat deed, zelfs zonder de namen erbij.

Vorig jaar kwamen beide columnisten zelf ook vrij uitgebreid in het nieuws. Mulder werd door het NOS-journaal manipulatief zo geciteerd dat het leek of hij toenmalig bondscoach Advocaat dood wilde hebben, Campert werd onwel op zijn 75ste verjaardag. Daarnaast weigerde Remco Campert om Theo van Gogh heilig te verklaren direct na de moord, wat ook nog enige ophef veroorzaakte.

Ik teken het maar even aan, tegen het grote vergeten. Al zijn deze columns wat minder direct op de actualiteit geschreven dan die van Komrij. Ook is het eerder gekeuvel wat Campert en Mulder doorgaans produceren, dan echt scherpe reactie. Maar daardoor kan hun werk nog best eens een tijd houdbaar blijven. Al zullen het waarschijnlijk de stukjes zijn die me nu ergeren, de sjablones die de schrijvers weleens inzetten bij gebrek aan inspiratie, die uiteindelijk het best overeind blijven.

Gelukkig komt het losbandige boerengeslacht Kneupma tegenwoordig niet meer langs bij Campert. Maar nu is er weer een voorspelbaar wereldvreemde marktonderzoeker Bamzaai.

Ik merkte bij het lezen van deze bundel dat voorheen ook meespeelde wat mijn eerste reactie op de column was geweest bij het lezen in de dagkrant. Achteraf de verzamelde jaargang doornemen, was steeds lezen en herinneren aan de eerste keer lezen tegelijk. En dat kon nu niet, wat scheelde in het vermaak.

Ditmaal ging het dus alleen om de zinnetjes, waarin Campert zoals gewoonlijk voor mij interessanter was als Mulder. Helemaal perfecte columns zag ik deze keer niet.

CaMu 2004
Het jaaroverzicht van
Remco Campert en Jan Mulder

318 pagina’s
Uitgeverij De Bezige Bij © 2005

in: a-z, bundels, fictie nederlandstalig

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Remco Campert & Jan Mulder-pagina

Remco Campert & Jan Mulder · CaMu 1996

Controle van mijn eigen vermoeden leert dat een bundel keuvelcolumns uit het verleden leuker is dan heel recente verzameling. Ineens speelt ook mee dat de wereld in sommige opzichten alweer onherkenbaar veranderd is, nu negen jaar verder.

Jan Mulder heeft het eenmaal over een Nokia-handy. En het is nieuws als De Waag in Amsterdam een plek inricht waar het publiek via het Internet de kranten die online staan kan lezen. Iets anders was er blijkbaar nog niet te doen met dat medium. KPN kondigde aan gratis voicemail te gaan aanbieden. Het wisselgesprek werd ingevoerd.

Maar wat gebeurde er in 1996 in de echte wereld? Bijna is er een Elfstedentocht in het begin van het jaar, Ajax verhuist van De Meer naar de Arena, Sport 7 komt razendsnel op en verdwijnt ook even gauw weer, en bisschop Muskens zegt dat armen best een brood mogen stelen, als ze honger leiden. Onder andere.

Remco Campert kijkt nog naar wielrennen op de Nederlandse televisie in plaats van op de Belg, en smult van de interactie tussen Jean Nelissen en de hem eeuwig pestende Mart Smeets.

Maar goed, even afgezien van het weemakende sentiment dat me overviel, het leek er toch ook op Campert en Mulder toen beter schreven als op het moment. Al kan daarbij meespelen dat het lezen van CaMu 2004 nodig was om me weer aan hun beider stijl gewoon te maken.

Misschien is beter het woord ook niet. Minder constant. Meer dalen, maar daarenbij ook duidelijker pieken. Tegenwoordig lijkt alles evenwichtiger, en daardoor minder verrassend. Campert zal het bekende Kamerlid drs. Mallebrootje niet gauw “heikneuter en bosneuker” meer noemen, zoals in 1996 nog wel gebeurde.

Gelukkig is hij ondertussen ook opgehouden met die tweespraken tussen Rem en Co.

CaMu 1996
Het jaaroverzicht van
Remco Campert en Jan Mulder

314 pagina’s
Uitgeverij De Bezige Bij © 1997

in: a-z, bundels, fictie nederlandstalig

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Remco Campert & Jan Mulder-pagina

Joost Zwagerman · Wilde westen

Dit is een verzameling columns en ander mengelwerk met een ietwat pretentieuze titel. Joost Zwagerman is namelijk niet achter zijn schrijftafel weggekomen om de wereld te beschouwen. Hij reageert in eerste instantie vooral op wat hij in de media voorbij zag komen, en daardoor bovenal wat daarin als belangrijk werd gezien en rumoer maakte in het jaar 2002. Dat was de opkomst van Pim Fortuyn bijvoorbeeld. Al gaat tweederde van dit boek daar nu net helemaal niet over.

En tuurlijk, schrijven kan hij wel. En een mening komt er ook nog weleens te voorschijn. Maar het is op een of andere manier allemaal zo weinig verrassend.

Wie als historicus over een paar decennia wil weten wat de correcte gedachten waren over de ontwikkelingen van dezer dagen, kan daarvoor prima bij de verzamelde columns van Zwagerman terecht. Daar zal dan dus ook de blindheid van die opinies uit blijken.

Joost Zwagerman, Het wilde westen
Nederland 2001-2003

207 pagina’s
Uitgeverij De Arbeidspers © 2003

in: typisch hollands, a-z, essays, bundels

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Joost Zwagerman-pagina

Renate Rubinstein · Niets te verliezen en toch bang

Het grote kleine echtscheidingsboek. Waarin Jaap van Heerden [? vermoed ik] Renate Rubinstein verlaat, en hun huwelijk ook nog zakelijk ontbonden moet worden. Ik las het vooral om te zien of mijn uitspraak stand houdt dat haar boeken beter houdbaar blijven dan haar columns, maar in dit geval is dat onderscheid wat onzinnig. Veel uit dit boek werd eerder als column in Vrij Nederland gepubliceerd.

Niets te verliezen en toch bang riep bij mij vooral de vraag op in hoeverre de tsunami aan exhibitionistische bekentenisliteratuur, die sinds de jaren zeventig de boekhandels overspoeld heeft, de rauwe emotie uit dit boek niet bijna afstandelijk ironisch heeft gemaakt.

Maar goed, uiteindelijk stelt Renate Rubinstein zeker op zinsniveau zelden teleur.

[zie bijvoorbeeld ook haar citaten hier].

Renate Rubinstein, Niets te verliezen en toch bang
88 pagina’s
in: Verzameld Werk 1973 - 1982
Uitgeverij Meulenhoff © 1978 oorspronkelijk

in: a-z, [auto]biografisch, fictie nederlandstalig

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Renate Rubinstein-pagina

Herman Vuijsje · Correct

Lees ik eindelijk een goed boek over de gevoeligheden in Nederland, en welke rampen dit politiek correcte denken als gevolg heeft, zijn er na afloop toch meer vragen bijgekomen dan beantwoord, voor mij. De conclusie dat er een verstikkend consensusdenken is hier, ligt ook voor de hand. Daarover wil ik derhalve weten: in hoeverre is dat dan typisch Nederlands? En waarom dan wel?

Herman Vuijsje beschrijft in Correct dat de wens tot consensus in de politiek hier te lande steeds tot een verstikkend conformisme leidt. Alle inspraak, vergaderen, en onderhandelen maakt alleen maar dat overal de scherpe kantjes afgaan. Tegenwerpingen worden ondergeschoffeld, kritische geluiden gesmoord. En door dit mechanisme kunnen de instituties zich almaar versterken, terwijl diegenen zonder organisatie of met een zwakke vertegenwoordiging stelselmatig genegeerd worden.

Dat heeft merkwaardige gevolgen.

Totem en taboe werden volgens Vuijsje onder meer de privacybescherming, die zo ver is doorgeschoten dat bijvoorbeeld een duidelijk agressieve en geesteszieke man zo lang vrij bleef rondlopen dat hij een buurmeisje doodde. Alleen omdat hij zelf nooit aangaf problemen te hebben, mocht het grote tal beschikbare hulpverleners niet in zijn leefsituatie ingrijpen, volgens hun rigide regels.

Een tweede heilig huisje werd de etniciteit; vaak reden voor overheden om niets te doen uit angst te discrimineren. Ook al zijn er bovenmatig veel Turken in de drugshandel actief, en Marokkaanse jongensbendes. Of som alle problemen in de grote steden maar op.

Weer een ander punt is hoe het misbruik van de sociale voorzieningen kon ontstaan, zoals de vrij massale uitkeringsfraude. Die bloeide mede op omdat controle taboe was vanwege die privacybescherming weer. Maar ook is het WAO-stelsel willens en wetens om zeep gehelpen door de bedrijfsverenigingen en de werkgevers. Die wisten zich geconfronteerd met een onmogelijke arbeidsbescherming en vonden in de WAO toch een slimme uitweg om mensen te kunnen lozen.

Nee, socioloog en journalist Vuijsje weet heel goed de problemen te signaleren, en ook een deel van de oorzaken daarachter te benoemen. Maar het verhaal is daarmee niet compleet, lijkt me.

Vrees ik.

Herman Vuijsje, Correct
Weldenkend Nederland sinds de jaren zestig

219 pagina’s
Uitgeverij Contact © 1997

in: typisch hollands, a-z, politiek, cultuur

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Herman Vuijsje-pagina

Renate Rubinstein · Twee eendjes en wat brood

Weliswaar is dit weer een bundel columns van Renate Rubinstein, maar nu éen waarin de waan van de dag wat is losgelaten, op een enkele uitzondering na. Over literatuur gaat het vaak.

Verder bundelt Rubinstein hier voor het eerst een reactie op W.F. Hermans’ aanvallen op haar aandeel in de Weinreb-affaire. Daarnaast is er een lange verzameling columns over de voor- en nadelen van alternatieve geneeswijzen opgenomen. Die zijn wat wrang met de wetenschap dat ze toen al aan MS leed, daarvoor hulp had gezocht, maar haar lezers toen nog niet over haar ziekte had ingelicht.

Het boek besluit met een reeks beschouwingen over de “de nieuwe lelijkheid”. De voorbeelden die ze daarbij gebruikt zijn wat verouderd, want de wereld zou in de komende twintig jaar nog heel wat lelijker worden. Maar de terreur van het design woedt nog altijd voort, en Rubinstein’s conclusies daarover blijven staan.

Renate Rubinstein, Twee eendjes en wat brood
200 pagina’s
in: Verzameld Werk 1973 - 1982
Uitgeverij Meulenhoff © 1981 oorspronkelijk

in: a-z, bundels, fictie nederlandstalig

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Renate Rubinstein-pagina

Hellema · Twente - een plaatsbepaling in de tijd

Een wat curieus boekje dit, uitgegeven bij het vijftienjarige bestaan van een boekhandel in Enschede, waarin de schrijver Hellema onder meer uitlegt hoe hij in Twente terecht kwam. Dat was tijdens de wederopbouwjaren, toen er nog over de oorlog gezwegen werd.

Hij had al besloten de aangeboden baan niet te willen, stelde in zijn ogen onmogelijk hoge salariseisen, en werd desondanks aangenomen. Dat betekende wel dat hij uit Amsterdam verhuizen moest; een stap die hem alleen daarom al bijna al zijn vrienden deed verliezen. Sommige mensen geloven nu eenmaal dat alles buiten de hoofdstad minder is.

Hellema zou de kwijnende Twentse textielindustrie gaan vertegenwoordigen; ofwel producten waarop weinigen nog te wachten zaten, proberen in het buitenland te verkopen. Hij maakte de opkomst van de nieuwe profeten mee. De marketingspecialisten, langetermijn-planners en andere meeëtend volk dat enkel ideeën en taalvervuiling produceerde. Prognose werd het nieuwe toverwoord. Daarna fusie. Toen: Profit-centre.

Maar het enige resultaat was dat de onverkoopbare producten zich nog sneller ophoopten dan tevoren.

Een happy ending is vooral de kunst om op tijd weg te zijn, en Hellema haakte af.

Bij het herlezen van dit boekje viel me op dat de hoofdpersoon van het verhaal wel een erg ijzerenheinige realist is, die weliswaar goed en ook geestig de rot om heen signaleert, maar zichzelf daarbij buiten schot houdt.

Is dat erg? Op zich niet. Er staat nergens geschreven dat een relativerende hoofdpersoon ook zichzelf niet helemaal au serieux moet nemen.

En toch.

Het kan betekenen dat ik de verhalenbundels Langzame dans als verzoeningsritme en Enige reizen dienden niet ter zake maar beter niet kan herlezen. Ooit vond ik ze prachtig, maar toen hield ik misschien nog van sterke, cynische hoofdpersonen die zelf geen zwakten kennen. Behalve dan hun eenzaamheid.

Hellema, Twente – een plaatsbepaling in de tijd
31 pagina’s
Boekhandel Michon Enschede © 1987

in: a-z, [auto]biografisch, fictie nederlandstalig

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Hellema-pagina

Guus Middag · Eerste keer

Is het terecht om deze bundel met essays te vergelijken met Komrij’s In liefde bloeyende? Omdat ik beide boeken vlak na elkaar las, gebeurde dat onwillekeurig toch. Dus laat ik me daarover maar uitspreken ook. En ik vind Middag inspirerender, wat simpelweg kan komen omdat hij de tijd neemt over gedichten te schrijven. Terwijl Komrij uiteindelijk niet meer ruimte had dan die column op de achterkant van NRC-Handelsblad, waar per keer maar éen gedicht aan de orde kwam.

Schrijven over boeken is makkelijk vergeleken met schrijven over poëzie. De toelichting op een gedicht wordt al gauw langer dan het gedicht. Terwijl die regels op zich misschien al genoeg hebben gezegd. Dus is poëziekritiek voor mij alleen interessant als zo’n criticus zich een betere of een nauwkeuriger lezer toont dan ik zelf kan zijn.

Er even van afgezien dat hij natuurlijk dichters kan hebben ontdekt, die mij nooit eerder onder ogen kwamen.

Guus Middag toont zich een aantal malen in deze bundel zo’n aandachtige lezer, al zijn het soms ontdekkingen van niks die hij doet. Zo vermoedt hij dat Klaas de eend geschoten heeft in de herhaalde refrein van het liedje “Hjerst” van Obe Postma uit 1920.

Maar, hij vertelt zijn vermoedens daarover, en de aanwijzingen die hij daarbij heeft, zo boeiend dat het niet uitmaakt dat de ontdekking uiteindelijk maar luttel is.

Guus Middag, De eerste keer
335 pagina’s
Uitgeverij Van Oorschot © 1999

As de rein tsjin’e glêzen oan slacht,
En de arbeider komt by neare nacht,
As rûnom oer’t fjild de molen gean
En de jisters blank fan it wetter stean, -
Dan hellet de ropein langer út,
Dan komt fan’e Waad in machtich gelút,
- In fleurich liet! -
Wylst Klaas mei’t gewear by de dyk op giet.

As men sneins yn tsjerke de azem sa sjocht
En Oetske wer fjoer yn’e stoven docht,
As Rinke te bargeslachtsjen komt
En de boer tsjin syn maat op de pûnen romt, -
Dan hellet de ropein langer út,
Dan komt fan’e Waad in machtich gelút,
- In fleurich liet! -
Wylst Klaas mei’t gewear by de dyk op giet.

Obe Postma, Hjerst [1920]

in: a-z, essays, bundels, poëzie, fryske boeken

[+] zie de gerelateerde titels | of bekijk de Guus Middag-pagina

Jaap van Heerden · Proza waarmee je meisjes vangt

De uitgever noemt het groots een bundel essays, maar veel langer dan duizend woorden kunnen de meeste stukken uit deze bundel niet zijn. Toch is columns ook het goede woord niet, omdat columnisten door hun tunnelvisie meestal fijn direct op de opinie afkoersen. Van Heerden spreekt zich juist zelden stellig uit, en is in staat meer dimensies te zien in de ontwikkelingen die hij bespreekt.

Het stuk “Bolwerk der bekrompenen” is bijvoorbeeld eigenlijk een elegant geformuleerde inleiding in de wetenschapsfilosofie, zonder dat dit woord ook maar genoemd wordt. Over rationaliteit gaat het, en hoe we tot kennis komen, maar vooral over het idee bij velen dat er meer moet zijn dan wetenschappers kunnen aantonen. Vandaar het merkwaardige verschijnsel dat meer mensen dan logisch te verklaren is baat hebben bij reïncarnatie-therapie. Of dat zovelen erv