Dienstboekje ~ Max Frisch

► door: A.IJ. van den Berg

Deze memoires van Max Frisch over zijn diensttijd bieden een perfecte stem tegen John McPhee’s beschrijvingen van het Zwitserse leger. Waar de Amerikaan veel nadruk legt op de militaire kracht van het land, spreekt die voor Frisch een stuk minder voor zich.

Frisch [1911 – 1991] deed onder meer dienst tijdens de Tweede Wereldoorlog. Toen Zwitserland wel neutraal was, maar er zeker in mei 1940 met een inval van de Nazi’s gerekend werd. Bleek het nog een geluk dat Nederland en België zo makkelijk vielen, zodat de Duitsers Parijs ook konden innemen zonder dat daar een tweede aanval vanuit de Alpen voor nodig was.

Wat Frisch vooral verbaasde, is hoe weinig hem eigenlijk bijstaat van al die dagen onder de wapenen, keurig in zijn dienstboekje vastgelegd. Die tijd was blijkbaar voornamelijk lege tijd.

Nu koos hij er voor gemeen soldaat te blijven. Kanonier. Waar hij gezien zijn universitaire opleiding — eerst Germanistiek, later architectuur — makkelijk officier had kunnen worden. Iedereen waar hij in het leven buiten het leger mee omging, hoorde ook tot die hogere kaste.

Zonder dat hij die keuze motiveert, Frisch schreef dit boek ruim dertig jaar na dato, is er wel ruime aandacht voor wat het betekent geen verantwoordelijkheid te willen dragen. Want, daar had Frisch toch zo zijn moeilijkheden mee. Als student was hij zo veel minder gewend om blind te gehoorzamen dan de medesoldaten, die meteen na hun school waren gaan werken.

En toch is gehoorzaamheid de basis van het soldatenbestaan, al heet gehoorzaamheid in het leger dan discipline. Max Frisch erkent al die jaren erg gehoorzaam te zijn geweest — dat was makkelijker, en in zijn eentje had hij toch geen verschil kunnen maken.

Boeiend aan deze memoires zijn daarom vooral de vragen die Frisch zich stelt over nut en noodzaak van het leger. Hoe was het bijvoorbeeld gegaan als de Nazi’s wel waren binnengevallen? Vanuit de bergen was natuurlijk perfect guerrilla te voeren geweest, maar hoe groot was de haat tegen de Duitsers nu werkelijk? In de altijd zo op Duitsland georiënteerde Zwitserse samenleving?

Al met al is dit fragmentarische boek vooral een persoonlijke zoektocht op meerdere niveaus naar wat het betekent om een land te moeten verdedigen. Want, wat wordt daarmee eigenlijk verdedigd dan? Als een land zo militaristisch, en daarmee anti-democratisch is?

Max Frisch, Dienstboekje
102 pagina’s
Uitgeverij Meulenhoff, 1984
vertaling van Dienstbüchlein, 1974

[x]

nauw gerelateerd op boeklog:


© Boeklog 2005-2017. Alle rechten voorbehouden