Little Brother ~ Cory Doctorow

► door: A.IJ. van den Berg

Er is veel aan te merken op Little Brother, en toch doen al die opmerkingen er nauwelijks toe. Zo heeft Cory Doctorow met dit boek een roman voor jongvolwassenen geschreven — Young Adults [YA] — zoals die categorie tegenwoordig in de marketing heet. En ik ben geen tiener meer, die over leeftijdsgenoten wil lezen.

Ook loopt het verhaal vrij plotseling nog redelijk goed af, via een paar tamelijk groteske onwaarschijnlijkheden. Misschien moest dat om de conventies van het YA-genre. Misschien wilde Doctorow niet helemaal negatief eindigen.

Little Brother blijft natuurlijk wel een dystopie, met een bekend voorbeeld, ondanks de ‘happy ending’. En mede omdat de schrijver wel heel weinig nodig had om bestaande trends uit het heden door te trekken naar een toekomst waarin het leven bijzonder onaangenaam wordt.

Het is ook die visie, waarin tal van losstaande technologische ontwikkelingen plots in een samenhangend verband zijn getoond, waardoor deze roman in mijn gedachten blijft hangen.

Hoofdpersoon van het boek is Marcus, een 17-jarige tiener uit San Francisco, die het haat hoe zijn gedrag op school met allerlei technische hulpmiddelen wordt gecontroleerd. Zo is er daar alleen met de schoollaptop te werken, waarmee bijna niets mag, en worden camera’s gebruikt die leerlingen aan hun loopje herkennen; waardoor al hun gangen zijn na te gaan.

Vanzelfsprekend gebruikt Marcus zijn intelligentie om onder dit toezicht uit te komen. En in die zin biedt dit boek ook een elegante introductie in het denken over wat veiligheid is, en hoe deze gehandhaafd wordt. Tegelijk geeft Doctorow ook een duidelijke waarschuwing wat er allemaal gebeuren kan als veiligheidssystemen ineens voor totale controle ingezet worden.

Marcus is met enkele vrienden in de buurt van een treinstation als een terroristische aanslag wordt gepleegd op een nabijgelegen brug. In de daaropvolgende mêlee wordt hij opgepakt, en gevangen gehouden door het Department of Homeland Security [DHS]. Die zien alleen in het feit dat de informatie op zijn telefoon versleuteld is al bewijs van Marcus’ kwade wil. Werkt hij niet mee aan het onderzoek, en geeft hij zijn passwords niet af, dan wordt hij beschouwd als ‘enemy combatant’ — en kan hij zonder veroordeling gevangen worden gehouden. Desnoods in Syrië, of waar de VS maar dergelijke kampen heeft. Litouwen, bijvoorbeeld.

Na de vrijlating doet Marcus, ondanks alle dreiging van het DHS tegen hem, vervolgens toch moeite om tegenstand te organiseren. Eén van zijn vrienden, die op het moment van de aanslag bij hem was, is namelijk wel spoorloos verdwenen.

Maar hoe organiseer je verzet in een samenleving waar op alles toezicht bestaat? Zoals het internetverkeer? Terwijl het DHS stiekem een keylogger op je persoonlijke laptop geïnstalleerd heeft, en het dus ook op zou vallen als je die nooit meer gebruikt…

Veel van de tips en trucs die Doctorow beschrijft, bestaan, en werken. Dat was voor mij ook de grootste aardigheid van het boek. Alleen zijn idee over ParanoidLinux — bedoeld als besturingssysteem voor activisten in landen met repressieve regimes — moet nog werkelijkheid worden; al werd de gedachte inmiddels door enkele ontwikkelaars opgepikt.

Veel van de bewakingstechnologieën die Doctorow beschrijft, bestaan eveneens. Of anders bestaan ze wel als technologie die makkelijk voor toezicht te gebruiken is. Zoals de PIN-pas. De OV-chipkaart, waarop al mijn reisbewegingen worden vastgelegd. De mobiele telefoon, die de informatie laat opslaan bij welke zendmast ik op welk moment ook het dichtst in de buurt ben. De RFID-chips in boeken en andere goederen die bijvoorbeeld ook kunnen vastleggen waar ik heen ga — of anderen van afstand vertellen wat ik aan spullen bij me heb.

Als dit boek iets duidelijk maakt, dan wel dat het rijkelijk onnozel is om te zeggen dat het niet uitmaakt hoe veel informatie overheden over je vastleggen, omdat je geweten schoon is. Omdat er een te groot en te blind vertrouwen bestaat in wat technologie vermag. Omdat iedereen zich ineens verdacht blijkt te hebben gedragen, als de criteria voor verdacht gedrag maar breed genoeg worden gehouden. Want, wat is gemiddeld gedrag?

En ook is daar het besef dat de VS deze eeuw voldoende heeft aangetoond dat alle rede en recht zal wijken, als maar het waanidee heerst dat daarmee de veiligheid het meest gediend is. Goed, ging dat tot nog toe vooral ten koste van niet-Amerikanen, of mensen met een gekleurde huid.

Heb ik nog wel éen vraag. Beweert Doctorow ook, doordat het DHS al meteen na die aanslag zo massaal aanwezig was in San Francisco, dat sommige terroristische daden door de overheid gepland zijn om de Amerikanen te knechten?

Cory Doctorow, Little Brother
384 pagina’s
Tor teen, 2008
 
Cory Doctorow, Little Brother
Big brother voor de internetgeneratie

335 pagina’s
De Vliegende Hollander, 2009

[x]opgenomen in het dossier: , , ,

nauw gerelateerd op boeklog:


© Boeklog 2005-2017. Alle rechten voorbehouden