Vraag niet waarom ~ J.J. Peereboom

► door: A.IJ. van den Berg

Het eerste boek dat je van een schrijver leest, kan makkelijk de ontvangst tekenen van alles wat daarop volgt. Vraag niet waarom was mijn eerste Peereboom. En die beviel me goed. Daarom waren de verwachtingen hoog, over het eerder verschenen Ik ben niets veranderd. En dus viel dat boek van de weeromstuit tegen.

Er liggen tien jaar tussen de beide journalen van Peereboom in de reeks privé-domein. En het is niet eens zo zeer alleen de tijd die de auteur een betere schrijver hebben gemaakt. Hij schreef na Ik ben niets veranderd onder meer ook verhalenbundels. Waardoor hij waarschijnlijk meerdere registers leerde bespelen dan hij voorheen in zijn macht had.

Weliswaar weet ik niet wat voor journalist of correspondent Peereboom was voor die boeken. Mij is wel duidelijk hoe zeer de journalistiek iemands stijl en pen kan beperken.

Vraag niet waarom is alleen al een aantrekkelijk boek om de manier waarop het begint.

De journalen geven indrukken van wat er in een mens wel eens om kan gaan; er staan aantekeningen tussendoor over dingen die zich buiten mij afspeelden. Veel is het niet vergeleken met wat ik beleefd heb sinds een vorige bundel tien jaar geleden. Ik heb bij buien iets opgeschreven, en was nooit van plan om het vaker te doen. De vergetelheid is een gezond proces. Onze beschaving bewaart al teveel, aan woorden en foto’s en films van iedere dag. [5]

Peereboom toont zich opvallend vaak een bedachtzaam auteur in dit boek. Telkens wikt hij tussen het enerzijds en het anderzijds; zelden waagt hij zich tot absolute oordelen. En als die oordelen er wel komen, ben ik het opvallend vaak met hem eens.

Wat daarmee vooral opvalt telkens is zijn verbazing. Die bestaat bijvoorbeeld uit de verwondering dat het lezen op zich niet bijzonder veel brengt, en hij het tegelijk niet laten kan om vol verwachting het volgende boek open te slaan.

Het is al moeilijk genoeg om iets geldigs te zeggen of te schrijven over het gewriemel van de menselijke eigenaardigheden zonder dat wij er moedwillig misverstanden bijmaken. [32]

scheiding

Weggetjes vinden door het menselijke oerwoud is een geschikte opdracht voor de literatuur, in ieder geval voor de romanliteratuur, die relaties tussen individuen verzint en uitwerkt. In het dagelijkse leven ontbreekt de tijd om gegevens te onderscheiden, en bovendien zijn de meeste mensen te humeurig en te schuw tegenover elkaar om er zin in te hebben. De literatuur neemt de tijd. Daar kan dat. [38]

scheiding

De kritische activiteit kan alleen steunen op mensenkennis en taalkennis om een tekst mee te beoordelen, en literatuurkennis om hem te vergelijken. Vaak is het onbevredigende uitrusting, vooral omdat de meeste critici niet bevoorrecht zijn op het terrein van kennis van de mens. [68]

scheiding

Boeken, net als mensen en koeien, zijn bont gevlekt. Ook als zij teksten bevatten van Cervantes of Shakespeare of Proust en Kafka bestaan zij uit goede en slechte stukken, in allerlei combinaties waarvan de meest delicate is dat er stukken voorkomen die voor de een goed zijn en voor de ander slecht, of zonder betekenis. [78]

scheiding

De mens lijkt nergens zo hulpeloos als in zijn idealen. [83]

scheiding

Beter vast te stellen is dat ieder idee de behoefte aan verdere ideeën vergroot in plaats van vermindert, en dat de relatie tussen de ideeén en de werkelijkheid die zij moeten ophelderen steeds onzekerder wordt.

Er is geen reden waarom iemand zich ervoor zou uitsloven tenzij hij een onverzadiglijke behoefte voelt aan eenzaamheid of er in zijn werk of hobby mee naar buiten kan optreden. Toch gaan wij dapper door met geestelijk leven, en niet zonder verwachting. [86]

scheiding

Het is de moeilijkheid met het aanbieden van verstandige ideeën dat iedereen er al een versie van bezit. [109]

scheiding

Als poging om ideeën te verspreiden is het schrijven van een dissertatie nog absurder dan van andere teksten. [145]

scheiding

Is het vooral ergerlijk wat een mens moet meemaken, of vooral vervelend? [174]

scheiding

Het is vervelend dat al zoveel gedaan is, door mensen van allerlei allooi. Er blijft weinig plaats en tijd over. Bedoelen ze dat met literatuur? Ik leef ermee op gespannen voet. [183]

scheiding

Het was een bloeitijd voor amateur-politici, geen slag dat mij animeert voor de toekomst maar wat erger is, geen prettig gezelschap in het heden, met hun luide overtuigingen en hun dunne begrip. [214]

Peereboom is ook duidelijk een wat oudere man als in het journaal Ik ben niets veranderd. Dat zich in zijn leven geen grote veranderingen meer zullen voordoen, tekent zijn besef.

Ook dat vind ik prettig.

Burgerheer is hij geworden, tot eigen verbazing. En die rol ligt hem ook wel. Al is zijn geest te levendig om zich soms niet tegen deze status quo te willen verzetten. Dagdromen mag daarom, waarbij hij soms zelfs de extremen opzoekt, om dan altijd weer terug te schikken voor de gevolgen.

Soms heb ik zin in grote daden, en zou de geweldpleging niet schuwen. Alleen, dat is je vak niet. Ik weet ook niet meteen geschikte daden, en word gehandicapt door de vrees voor verwondingen.

Dan neem ik zolang weer een boek. [89]

J.J. Peereboom, Vraag niet waarom
Journalen 1978—1988

228 pagina’s
De Arbeiderspers, 198
privé-domein nr. 144

[x]opgenomen in het dossier:

nauw gerelateerd op boeklog:


© Boeklog 2005-2017. Alle rechten voorbehouden