Paradys oan de baai ~ Douwe Kootstra

► door: A.IJ. van den Berg

Geen boek is moeilijker te recenseren dan een verhalenbundel, zo heb ik de afgelopen jaren gemerkt. De ruimte ontbreekt meestal om aan alle verhalen uit zo’n verzameling recht te doen. Bovendien is een bespreking met alleen maar korte samenvattinkjes te saai om te lezen.

Dus wordt de recensent wel gedwongen om zelf lijnen te trekken, om zo de constanten in al de verhalen te laten zien. Maar wat dan als sommige delen van het boek zich nu net aan dit soort indelingen onttrekken?

In Douwe Kootstra’s meest recente bundel staat éen wat ander verhaal dan gewoonlijk. Normaal gaat Kootstra op pad, om daar dan later over te schrijven. Ergens een verhaal van maken, helpt het herinneren nu eenmaal zo goed. En Paradys oan de baai is ondertussen al zijn vijfde bundel met reisverhalen, sinds 1987.

Maar, ook het verleden is een ander land, waarin ze de dingen anders deden. En de mogelijkheden die dit biedt, voor een schrijver, lijkt Kootstra nu ook te willen verkennen.

In het verhaal ‘Drachten en Rome’ geeft Kootstra onder meer een persoonlijk gekleurde reconstructie van wat er ooit even opviel aan het katholieke leven in Zuidoost-Friesland. De moederkerk achtte het namelijk ooit vreemd om wel missionarissen naar Afrika te sturen, terwijl er ook in Nederland gebieden waren zonder schijnbaar maar éen katholiek. Daarom werd de Friese groeikern Drachten in de jaren dertig aangewezen als missiegebied.

Tegelijk ging het er daar de eerste jaren slechts om dat de enkele uitgezonden Franciscaner missionaris goed zichtbaar aanwezig was, ter plaatse. Van hun activiteiten heeft het lokale culturele leven ook behoorlijk geprofiteerd. Maar echt invloed kreeg de kerk in Drachten pas na de vestiging van een kraamkliniek, en een kleuterschooltje. Bovendien groeide het tal katholieken in de gemeente plots sterk in de jaren vijftig. Toen opende Philips er een fabriek, waarvoor de staf veelal uit het goed-Katholieke Brabant kwam.

Kootstra weeft in ‘Drachten en Rome’ drie verhaalelementen heel elegant door elkaar. Hij laat zichzelf er als kleuter in rondscharrelen, die bij de nonnetjes op school is geweest; hoewel zijn ouders niets waren. Hij toont en passant aan dat het grote tal zorginstellingen dat Drachten momenteel telt weleens kan voortkomen uit de katholieke inspanningen indertijd — en de reactie van de protestanten daar weer op, die niet voor de papen wilden onderdoen. En hij geeft een portret van pater Schilder o.f.m.. Als energieke jonge priester woonde deze man enkele jaren in Drachten, waar hij indruk maakte. Tot hij door zijn orde verder werd gestuurd; omdat de Franciscanen dat nu eenmaal altijd zo deden.

Nu ken ik Drachten vrij goed. Ik ging er school, en nog zo wat. Maar het is niet eens daarom dat ik juist dit verhaal zo interessant vond. Kootstra’s Drachten is het mijne ook niet, want hij tekent een vroegere versie; waar een Meindert Talma de plaats juist wel in dezelfde tijd beschreven heeft als ik er rondliep.

Het verhaal ‘Drachten en Rome’ benadrukte vooral wat Kootstra kan, als hij zich wat beperkt, en zijn persoonlijke perspectief voor een keer niet het belangrijkste element is in een verhaal. De andere verhalen in de bundel zijn strikte reisverhalen, zoals hij er al zo veel geschreven heeft, en die tonen de wereld altijd gezien volgens Kootstra.

En al probeert hij ook dan vaak het verleden in zijn betoog te betrekken, hij blijft dan altijd meer aan de oppervlakte steken.

Want, óf hij komt ergens waar hij al eens eerder was, en kan een kleine verandering melden. In Noorwegen valt hem dan bijvoorbeeld op dat de plaatselijke winkels, waar alles te koop is, tegenwoordig altijd door een landelijke keten worden gerund.

Óf hij gaat ergens kijken waar zich ooit algemeen bekende geschiedenis heeft afgespeeld, om daarbij zijn eigen impressies toe te voegen. In het verhaal ‘Tsjechië: de grinzen fan Leznice’ speelt de val van het Communisme een rol. En in ‘Dútslân: de Freiherr’ is dat de historische Baron von Münchhausen. En dat levert allemaal heel leesbare verhalen op, daar gaat het niet om. Maar de vijf andere verhalen uit de bundel zijn wat stuurloos, in vergelijking met dat ene verhaal over Drachten. Wat het toeval de reiziger op het pad bracht, speelt er wel een heel grote rol in, soms.

Zulke verhalen dwingen geen lezer ertoe om er iets van te onthouden.

In het andere lange verhaal uit het boek, ‘Kanada: Nova Scotia’, bewijst Kootstra overigens dat toeval afgedwongen kan worden, en dan de schrijver dienen kan. Onderdeel van deze vertelling is een bezoek aan de Zwaagstra’s, die in de jaren vijftig uit Fryslân emigreerden. Die visite was gepland, en werd het eerste doel op de reis. En hoewel de verhalen van de landverhuizers allemaal dezelfde elementen bevatten, zijn ze tegelijk allemaal uniek. Dat is interessant aan dat onderwerp.

Toch vind ik dat verhaal enigszins mislukt, hoe leesbaar het ook is. Kootstra vond het interessanter over zijn eigen ervaringen daar te vertellen. Waar hij zoal heen reed, hoe dik zijn auto daarbij was, en wie hij allemaal ontmoette. En dat is op het moment van lezen heel aardig, maar levert tegelijk nauwelijks iets op dat bijblijft.

Als recensent moet ik wel het resultaat beoordelen dat er ligt. Het is arrogant, en heeft weinig nut, om eigen idealen te willen opleggen aan de verhalen die een ander schreef. Maar voor mij stond ‘Kanada: Nova Scotia’ vol van gemiste kansen. Zo was er alleen al een grote mogelijkheid om de haastige blik van de doorgaande reiziger eens te contrasteren met wat het emigrantenpaar Zwaagstra ziet, als dat naar hetzelfde kijkt. Zoals het verhaal nu geworden is, staat er te veel in, waardoor niets echt bijzonder wordt.

Tegelijk komt deze gedachte alleen bij me op door de kwaliteit van dat verhaal ‘Drachten en Rome’. Omdat Kootstra daarmee ineens een standaard zet die zijn andere vertellingen prompt wat minder maakt.

Dus, als een schrijver beoordeeld moet worden op het beste dat hij schreef, dan reikt Douwe Kootstra hoog in Paradys oan de baai. Maar als het in een verhalenbundel ook gaat om evenwicht en balans in het opgenomen materiaal, dan heeft hij betere boeken uitgebracht, wonderlijk genoeg. Terwijl hij met dit boek wel een stap verder gekomen is , als schrijver.

* een Friestalige versie van deze tekst verscheen op Ensafh 37

Douwe Kootstra, Paradys oan de baai
168 pagina’s
Friese Pers Boekerij, 2010
isbn 978 90 330 0937 2
priis: € 16,50

[x]opgenomen in het dossier:

nauw gerelateerd op boeklog:


© Boeklog 2005-2017. Alle rechten voorbehouden