Anatomy of Restlessness ~ Bruce Chatwin

► door: A.IJ. van den Berg

Wonderbaarlijk aan het oeuvre van Bruce Chatwin [1940 — 1989] is dat het er in zo’n korte tijd was; en toch zo veel indruk heeft kunnen maken. Hij debuteerde in 1977. Wat dan laat heet te zijn. Chatwin’s vijfde boek kwam uit in 1988. En kort daarop ging hij dood.

11 jaar lijkt niets, helemaal in de wetenschap dat boeklog nu 8½ jaar bestaat. Ik heb niet het idee hier al serieus begonnen te zijn met schrijven — wat vast komt omdat dit leesdagboek eeuwig een bijzaak blijft.

Naast die vijf hoofdboeken van Chatwin zijn er verschillende bijboeken; allemaal postuum gepubliceerd. Samengesteld door anderen bovendien. En bijboeken zullen altijd boeken blijven die hoogstens nut hebben om de hoofdwerken in perspectief te zetten. Op zichzelf zijn ze doorgaans niets. Hoewel ik dat ene fotoboek koester.

De bundel Anatomy of Restlessness bevat wat journalistiek werk, boekbesprekingen, enkele verhalen, en een persoonlijk stuk of wat waarin de schrijver zijn eeuwige reislust probeerde te verklaren.

De oudste tekst daarin dateert uit 1969 — Chatwin was toen journalist. En daaraan werd mij vooral duidelijk dat hij nog een jungle aan woeker had weg te kappen om het minimalisme te bereiken waarin bijvoorbeeld In Patagonia zo uitblinkt.

Maar, misschien werd Chatwin als journalist nog per woord betaald; wat de beknoptheid zelden bevordert.

Aardigste stuk in het boek vond ik de ontmaskering van Curzio Malaparte als een nare poseur, in het artikel over Capri. Bruce Chatwin was enige pose niet vreemd; dus geloof ik hem direct als deze karaktertrek bij een ander doorziet. Bovendien is het voor mij prettig ook eens een medestander te vinden. Iedereen in Nederland is altijd lyrisch over die Malaparte. Terwijl ik diens boeken naar en veel te geforceerd vind.

De uitleg die Chatwin geeft over zijn eigen eeuwige reisdrang — dat het mensen eerder vreemd is om ergens te blijven — zal verder wel. Die klinkt vooral mooi. Ik zou trouwens ook de biografie moeten lezen om te weten of hij zelf in deze theorie geloofde. Bruce Chatwin maakte veel nogal mythisch in dat leven van hem, zo niet domweg een leugen. Zo was hij zijn leven lang getrouwd, met een vrouw moet daar tegenwoordig bij, terwijl hij toch strikt homosexueel schijnt te zijn geweest. Tegenover de motiviatie die hij geeft om telkens weg te gaan, kan ik ook wel wat amateurpsychologie plaatsen. Had hij niet ook een gegronde hekel aan de kleinzieligheid in Engeland? Was er niet dat vreemde huwelijk? Maar dat is allemaal de moeite niet waard.

Bij een schrijver tellen altijd alleen de echte boeken. Van bijboeken als deze mag je op zijn best hopen dat die prettig leesbaar zijn. En Anatomy of Restlessness was goed voor een verloren uurtje lezen, dat snel weer vergeten zal zijn.

Bruce Chatwin, Anatomy of Restlessness
Uncollected Writings

224 pages
Penguin Putnam Inc, 1995

[x]

nauw gerelateerd op boeklog:


© Boeklog 2005-2017. Alle rechten voorbehouden

5 commentaren

Erik Scheffers  op 26 mei 2013 @ 23:50:40

Hoi IJsbrand, van het werk van Chatwin ben ik niet zo onder de indruk. Wel is er een prachtige biografie verschenen over leven en werk van Chatwin door Nicolas Shakespeare. Ik heb wel aardig wat schrijversbiografieën gelezen, maar dit is het enige voorbeeld dat ik ken waarvan ik de biografie beter vond dan het werk van de beschreven schrijver. Een aanrader! Groetjes, Erik

Hans Valk  op 28 mei 2013 @ 23:18:20

Er is nog een eerder boek over Chatwin. Dat van Susannah Clapp. Clapp leerde hem kenne toen ze als redacteur werkte bij Jonathan Cape.
Het probleem van het lezen van een Chatwin-biografie is dat het onvermijdelijk leidt tot een devaluatie van diens werk in de ogen van de lezer. In die zin is de constatering dat het lezen van de biografie beter bevalt dan het werk van Chatwin zelf niet zo vreemd.

boeklog.info  op 28 mei 2013 @ 23:24:52

Een constante op boeklog is mijn wantrouwen tegen biografieën. Die zijn vaak weergaven van hoe op éen moment over een geportretteerde gedacht werd — terwijl een volgende generatie weer heel ergens anders in geïnteresseerd kan zijn.

Nogal wat schrijversbiografieën die redelijk kort op de dood van zo’n auteur volgen zijn óf overdreven negatief óf bijkans heiligenlevens.

Ik lees nu Chatwin’s brieven. De behoefte om meer ingevuld te krijgen over dat leven is er niet.

Hans Valk  op 30 mei 2013 @ 00:25:00

Een goede biografie geeft vooral feiten. Hoe anderen denken en dachten over degene wiens leven wordt beschreven hoort daarbij. Het is de taak van de biograaf mede aan de hand daarvan een zo gebalanceerd en genuanceerd mogelijk beeld te schetsen. Daarbij kan een biograaf natuurlijk manipuleren.
‘Wantrouwen’ is echter een vreemd woord in dit verband. Dat een biografie ook een tijdsbeeld kan zijn, vind ik geen enkel probleem. In die zin vergroot een biografie niet alleen je kennis van de geportretteerde, maar ook van de tijd waarin hij leefde of waarin de biografie werd geschreven. Je kunt altijd de vergelijking trekken met je eigen tijd.
Romans kunnen ook liegen. Eerlijk gezegd vind ik het schetsen van levenswijsheden of wereldbeelden door middel van een roman zo langszaamaan een achterhaald iets.
Ik lees tegenwoordig liever biografieën dan romans. Het waarheidgehalte is meestal hoger dan dat van een roman en truth is stranger then fiction.

boeklog.info  op 30 mei 2013 @ 12:15:59

Biografen hebben alle moeilijkheden die op historici wegen bij hun onderzoek, en nog een paar meer. In die zin is het een onmogelijk genre.

De vertekening begint er al mee omdat de geportretteerde geïsoleerd wordt, en daarmee speciaal wordt gemaakt.

Op zijn best werkt de biografie voor mij ook andersom — ik leer meer over een tijd doordat een levend en interessant persoon zich door die periode bewogen heeft. Alleen zijn er heel weinig boeken die dat ideaal halen.