20ste cavalerie ~ Morris & Goscinny

► door: A.IJ. van den Berg

Halverwege de jaren zestig lijkt de inspiratie weg te zijn bij Goscinny. Het achtste, negende, en tiende album dat hij schreef voor de reeks Lucky Luke zijn duidelijk variaties op eerdere thema’s. Passen op de plaats. Boeken die het moeten hebben van de grappige terzijdes; en niet zo zeer van het verhaal.

In Het 20ste cavalerie wordt teruggegrepen op het verhaal uit De zwarte heuvels. De Cheyennes in Wyoming hebben daarin een bestand gesloten met de Amerikaanse regering. Dit houdt in dat iedereen ongehinderd door het gebied kan reizen, mits ze van de buffels afblijven die de indianen als hun jachtbuit zien.

Om op dit verdrag toe te zien, wordt er een legerplaats gevestigd, met daarin de 20ste cavalerie.

Maar plots is het bestand geschonden — anders zou er geen verhaal zijn ook — de indianen beschieten ineens de reizigers in het gebied.

Achter deze agressiviteit van de indianen zit een rancuneuze blanke — net als in De zwarte heuvels. En helemaal duidelijk wordt het album niet over wat hem motiveert. Slechts dat hij een deserteur is, uit de cavalerie; gevlucht vermoedelijk om de kadaverdiscipline daar.

Want die doorgedreven discipline in het fort is de beste grap in het boek. Kolonel Mac Straggle wil dat alles daar volgens de regels gebeurt. Ook tijdens een belegering door de indianen — als de voedselschuur is afgebrand, en cavaleristen ondanks dat er geen aardappelen zijn toch als corvee aardappelen moeten schillen.

Dat het leger zich voorspelbaar gedraagt, volgens hun strikte regels, is een trope die hierna overigens vaker terug zal keren in de albums van Lucky Luke.

Voornaamste slachtoffer van kolonel Mac Straggle’s kadaverdisicipline is zijn eigen zoon, die vooral niet het idee mag krijgen voorgetrokken te worden vanwege de familieband.

Lang vermoedde ik dat de deserteur die de indianen ophitste nog weer een oudere zoon van Mac Straggle was; die zich flink op zijn vader wilde wreken. Maar dat was te romantisch gedacht.

Werd de zo gepeste zoon van Mac Straggle wel de held van het boek, daarmee Lucky Luke eigenlijk naar het tweede plan degraderend.

[ wordt vervolgd ]

Morris & Goscinny, Het 20ste cavalerie
46 pagina’s
Uitgeverij Jean Dupuis, N.V.
vertaling van Le 20e de cavalerie, 1966

[x]opgenomen in het dossier:

nauw gerelateerd op boeklog:


© Boeklog 2005-2018. Alle rechten voorbehouden