Jeugd van tegenwoordig ~ Cas Wouters

► door: A.IJ. van den Berg

Aan het oordeel over nogal wat boeken gaat een vraag vooraf. Wat stond er niet in? Dat er wellicht wel in had gemoeten?

Over De jeugd van tegenwoordig van Cas Wouters vroeg ik me af of hij werkelijk de beste manier had gevonden om te schrijven over hoe ouders en kinderen met elkaar omgaan. En over wat daarin sinds 1880 is veranderd.

Daarop moest ik Wouters toch gelijk geven, dat hij dit boek vooral over sex liet gaan. Ten eerste omdat in de ideeën daarover opvallende verschuivingen zijn aan te wijzen. En ten tweede omdat dit dan veranderingen betreft in de moraal; en dus in hoe mensen met elkaar omgaan.

Had hij het over kinderen en hun zakgeld geschreven, dan was er ook de plicht geweest de hele ontwikkeling van de welvaart in Nederland te beschrijven.

Had hij het over kinderen en onderwijs gehad, dan ware er bijvoorbeeld de paradox geweest dat het onderwijsbeleid telkens vanuit de overheid wordt bijgesteld, maar dat dit altijd onbedoelde gevolgen heeft.

De jeugd van tegenwoordig is een deelvervolg op Wouters’ eerdere studie Seks en de seksen uit 2005. Voor dat boek bekeek de socioloog nog etiquetteboeken, en vele jaargangen van het vrouwenblad Opzij. Ditmaal beperkte hij zich voornamelijk tot het vergelijken van verschillende wetenschappelijke rapporten en adviezen die na de Tweede Wereldoorlog zijn geschreven over sexualiteit.

Mede omdat deze publicaties lang altijd niet objectief wetenschappelijk bleken te zijn. Er klonken nogal wat waardeoordelen door in vroegere rapporten. Ongetrouwde jonge vrouwen die weleens met iemand in bed belandden, heetten daarbij ineens nogal plat ‘amatrices’. Omdat in de opvattingen van de onderzoekers toen dus alle sex buiten een huwelijk simpelweg primitief was.

Een boek als dit, dat veranderingen beschrijft die in ruim een eeuw plaatsvinden, moet een paar dingen extra doen om memorabel te worden. Want vrijwel alle sociologie, zelfs als die gebaseerd is op het werk van Norbert Elias, heeft de neiging volkomen vanzelfsprekend te gaan lijken aan het eind gekomen van de tekst.

En Cas Wouters slaagde er in elk geval in om mij een paar maal iets nieuws te vertellen.

Hij leerde me onder meer dat in Nederland de vrije verkoop van voorbehoedsmiddelen pas bestaat sinds het begin van de jaren zeventig. Die is dus pas vrijgegeven tijdens mijn leven — wat ik schokkend genoeg vind om te willen onthouden.

In 1968 was een meerderheid van de bevolking zelfs nog rigoureus tegen de vrije verstrekking van anticonceptie aan ongehuwden.

Dat klinkt dan ineens alsof ik uit de duistere Middeleeuwen stam.

Ten tweede heeft hij me geleerd om op een net wat andere manier naar het verleden te kijken. Eén van de stellingen die hij in zijn conclusies inneemt, is namelijk dat de emancipatie van het kind pas mogelijk wordt na de emancipatie van de vrouw. Want eerst moet de onverbiddelijke almacht van de man thuis zijn afgebroken.

Daardoor kon hij me ook iets verklaren dat me altijd bevreemd heeft. Waarom de sexuele moraal op het VMBO, en dus voorheen het lagere beroepsonderwijs, onder de leerlingen zo anders is dan onder de scholieren die abstracter vormen van middelbaar onderwijs volgen. Ze neuken er jonger.

Wouters beschrijft in De jeugd van tegenwoordig telkens een tweedeling — hij maakt heel ouderwets een klassenonderscheid. Die in Nederland onder meer inhoudt dat de kinderen van hoger opgeleide ouders vrijwel automatisch naar het type middelbare onderwijs gaan dat opleidt voor een vervolgstudie. Dat alleen al maakt zowat dat het leven van die kinderen in het teken staat van de uitgestelde beloning, zo denk ik dan. Die kinderen hebben nogal wat te internaliseren, aan regels, en zelfdiscipline. Tegenwoordig tenminste.

En dan is de tegenstelling met de VMBO-leerlingen misschien iets te zwart-wit gesteld in dit boek. Maar dan wil ik best geloven dat de emancipatie in de gezinnen van lager opgeleiden nog iets achterloopt. Wat dan weer van betekenis is op hoe deze ouders met hun kinderen omgaan. Zeg ik verder niets over zelfdiscipline, of impulscontrole.

Cas Wouters poneert ergens als theorette dat VMBO-leerlingen neuken om zichzelf — om te kunnen zeggen die stap gemaakt te hebben — en zich daarbij niet per se bekommeren met wie ze dat dan doen. Terwijl de HAVO- en VWO-leerlingen liefst toch ook al een zinvolle relatie willen hebben, voor als puntje bij paaltje komt.

Over het algemeen. Generaliserend gesproken.

En dan weet ik natuurlijk niet of dit waar is. Zo’n theorette verklaart alleen toch wel iets; ondanks alle onderliggende aannames.

Biedt dit boek verder nog een bescheiden vergelijking met ontwikkelingen in de VS, Wouters preludeert al op wat de betekenis van de webcam of smartphone is in de tienerkamer, en er staan beschouwingen over de herhaalde acties van vrouwen tegen porno, en alles wat zij verder zien als uitwassen. Want begin over sex, en ineens zijn er regels, en daarmee meningen volop ook over die regels.

Cas Wouters, De jeugd van tegenwoordig
Emancipatie van liefde en lust sinds 1880

390 pagina’s
Athenaeum―Polak & Van Gennep, 2012

[x]opgenomen in het dossier: ,