Birdseye ~ Mark Kurlansky

► door: A.IJ. van den Berg

Kapitein Iglo uit de reclame voor vissticks heet eigenlijk Captain Birdseye.

Vanwege het merk aan diepvriesproducten dat dit typetje verkoopt. Iglo heet elders in de wereld Birds Eye. En dat merk is dan weer genoemd naar de pionier in het nuttig bewaren van voedsel. Clarence Birdseye [1886 — 1956] heeft echt bestaan.

Mark Kurlansky schreef met Birdseye een biografie over deze uitvinder — mede omdat hij diens vondsten had genoemd in eerdere boeken, en hem was opgevallen dat er geen complete levensbeschrijving bestond over de man.

Terwijl er toch een bijna sprookjesachtig verhaal zat in dat leven.

De self-made man en avonturier Birdseye ontdekte voor de Eerste Wereldoorlog, tijdens de poolwinters die hij doorbracht in Labrador, hoe goed vis later smaakte als die meteen na de vangst was bevroren. Dat hadden de lokale eskimo’s hem geleerd.

Vervolgens kostte het enige tijd en moeite voor hij doorhad waarom. Hoe sneller iets bevriest, des te kleiner blijven de ijskristallen in dat voedsel, en des te minder worden de cellen daarvan beschadigd.

Eind jaren twintig was Clarence Birdseye zo ver dat hij op industriële schaal groenten, vlees, en vis lekker blijvend kon invriezen. Daartoe had hij tal van technische vondsten moeten doen.

Punt was alleen, aan enkel een fabriek van diepvriesvoedsel heeft niemand wat. Want de productie moet vandaar nog geëxporteerd worden om ergens in een keuken terecht te komen. Alleen kan dit pas als er koelwagens bestaan bij de spoorwegen, of vrachtwagens waarin het getransporteerde voedsel bevroren blijft, en er winkels zijn met vrieskisten, en een winkelend publiek komt dat thuis iets van een koelkast heeft staan.

Ofwel, de hele infrastructuur om diepvries tot een verkoopsucces te maken, was er in de VS pas eind jaren vijftig. Dertig jaar later.

En op zich vertelt Mark Kurlansky dit verhaal wel. Die geschiedenis is ook niet helemaal te negeren. Want eten werd zelfs in de negentiende eeuw al ingevroren. Alleen gebeurde dat toen altijd te langzaam, waardoor diepvries veel minder lekker was dan vers. Was vers bovendien vrijwel nergens heel duur. Waardoor de fabrikanten van diepvriesvoedsel de laagste kwaliteit aan ingrediënten gebruikten, om tenminste nog iets te kunnen verdienen.

Pas toen de huisvrouwen massaal achter hun aanrecht vandaan waren gekomen om elders te gaan werken, en er ineens grote behoefte kwam aan eten dat snel was klaar te maken, overwon het publiek zijn grote weerzin tegen diepvries. Dat was ruim na die Tweede Wereldoorlog. En inmiddels waren de fabrikanten dus ook zo ver dat ze waren konden leveren met enige kwaliteit en smaak.

Moesten er nog supermarkten komen, bovendien.

Dus zat ik er tijdens het lezen van deze biografie mee dat de voor mij interessantste ontwikkeling — die hele technologische en culturele transitie — zich buiten het eigenlijke verhaal over de hoofdpersoon afspeelt, en me terloops werd afgedaan.

Want het is éen ding om de visie van een man te roemen — als vervolgens de hele samenleving moet veranderen voor diens ideeën uitkomen, en dit decennia duurt, dan is de factor geluk voor deze man om later nog als visionair erkend te worden ook enorm geweest.

Clarence Birdseye was slechts een klein maar heel nuttig schakeltje in het grote geheel. Hoe kleurrijk zijn verhaal ook was. Toch gaat de aandacht in het boek allereerst naar hem.

Had Birdseye bovendien het grote geluk dat hij zijn zo unieke diepvriesfabriek vlak voor de Beurskrach voor ruim $ 22 miljoen kon verkopen — omdat de kopende partij diens patenten zo waardevol achtte.

Nu stuit ik vooral bij Amerikaanse auteurs wel vaker op dit probleem. Dat zij uit het niets toch een onderwerp interessant weten te maken. En dat dit dan gebeurt door in te zoomen op het leven van éen mens. Doorgaans een man. Waarop de schrijver me vervolgens dan net teveel in de human interest blijft hangen om een echt memorabel boek te kunnen schrijven. Wat John McPhee kan, om dan ook dat grotere verhaal goed te vertellen, lukt verder haast niemand.

Mark Kurlansky, Birdseye
The Adventures of a Curious Man

251 pagina’s
Doubleday, 2012

[x]opgenomen in het dossier: