Ik ben (s)normaal ~ Marcel van Roosmalen

► door: A.IJ. van den Berg

Mijn voorkeuren in columnisten zijn duidelijk verschoven. Paradoxaal genoeg interesseren me nu de types het minst die allereerst publiceren om ook hun opinies toe te voegen. Want er is domweg een teveel aan mening voorhanden op het moment. En dat overschot heeft te vaak polarisatie als gevolg, wat dan weer tot belachelijk zekere uitspraken leidt, en ander ongenuanceerd gedoe.

De column biedt nu eenmaal aan slechts heel weinig ruimte. Columns voegen ook zelden toe aan wat er bekend is aan feiten.

Maar ooit hield ik dus wel van auteurs die het allemaal eens stevig wisten op te schrijven — mede omdat het bij hen daarbij ook om de doeltreffendheid van de gebruikte taal ging.

Hopelijk.

Van alle momenteel actieve columnisten in Nederland — voor zover mijn overzicht reikt — is Marcel van Roosmalen de beste. Daarvoor bestaan twee redenen. Ten eerste doet Van Roosmalen met grote regelmaat verslag van de nogal merkwaardige toneelstukjes die elke dag weer in Nederland worden opgevoerd — en die waarschijnlijk alleen stukjes lijken voor wie daarin van buiten binnenstapt, en aan wie het nog opvalt een wereldje te betreden, met zijn eigen taal en bijbehorende gewoontes.

Weliswaar zijn er meer columnisten die dit kunnen. Van Roosmalen lijkt me evenwel de enige die zijn teksten vanuit een teveel moet terugsnoeien naar de juiste lengte. Daar waar anderen me te vaak éen of twee opvallende waarnemingen moeten aanlengen om een verhaaltje te krijgen.

En ik houd nu eenmaal meer van de snijders onder de schrijvers dan van de homeopaten.

Ofwel, ik smul nogal van terloopse zinnetjes als:

Niemand kan zo nadrukkelijk pannenkoeken tegen de slavernij bakken als Karin Bloemen. […] [141]

Mede omdat er dan slechts éen alinea aan deze bekende Nederlandse gewijd is — hoewel Van Roosmalen toegaf dat verleidelijk was geweest Lá Bloemen tot hoofdonderwerp van deze column te maken.

Ik ben (s)normaal is een bundel met stukjes uit de jaren 2012 en 2013. Heel veel maakt dit niet uit. Slechts een klein deel van de inhoud is straks niet meer te begrijpen zonder voetnoten en Keesings historisch archief [1]. Dat gold wat mij betreft vooral voor de verwikkelingen rond de voetbalclub Vitesse — al mag bekend worden verondersteld over elk van die clubs dat ze merkwaardig slecht geleid worden.

Had ook de ophef rond het Droomboek al een voetnoot verdiend — want nu mist de informatie dat dit een geschenk was aan de nieuwe koning, met een impressie van wat 6.500 Nederlanders in 2013 aan dromen hadden voor het land. Dit boek konden alle huishoudens gratis afhalen bij de boekhandel.

In Amsterdam had een boekhandelaar daarom geklaagd over het nieuwe type onbehouwen klant dat ineens haar winkel binnenwandelde. Wat haar toen op enorme kritiek kwam te staan. Marcel van Roosmalen viel mevrouw evenwel bij, met een paar fijne beschrijvingen van mensen uit die buurt.

En enkel omdat boeklog aandacht aan deze uitgave heeft besteed, werd ik indertijd ineens tot aanspreekpunt voor landgenoten die allemaal iets te klagen hadden over de distributie. Veel plezier bracht mij dat niet. Maar ik ben dan te net, of te bescheten, om er op het moment zelf een sarcastische tekst aan te wijden.

Wonderlijk genoeg had ik deze ergernis zelfs al uit mijn geheugen gewist.

Favoriete alinea uit het boek, ondanks de woordherhaling:

Net als bijna alle andere Nederlandse levende standbeelden had dit levende standbeeld last van ‘de opdringerige’ Roemeense levende standbeelden. Ze hadden de markt overspoeld en de andere levende standbeelden een slechte reputatie gegeven. De regering moest er wat aan doen. Ze zei nog net niet: eigen levende standbeelden eerst. Het bleek te gaan om een breed gedragen sentiment. [157-158]

Marcel van Roosmalen spaart overigens niemand in zijn columns. Of het nu klagende levende standbeelden zijn, inwoners van Bos-en-Lommer, hoogwaardigheidsbekleders, schrijversvolk, of zijn pas overleden vader. Want allen hebben nu eenmaal zo hun opvallende ijdelheden, die de auteur niet eens hoeft uit te vergroten om ze zichtbaar te maken.

Marcel van Roosmalen, Ik ben (s)normaal
230 pagina’s
Meulenhoff, 2014
  1. Oops, dat hield er mee op in 2013 []

[x]