What Goes Around ~ Emily Chappell

► door: A.IJ. van den Berg

Ooit heb ik mijn geld verdiend met fietsen. Zonder daartoe beroepswielrenner te hoeven zijn geweest. Mijn taken bestonden helaas ook nooit uit dat fietsen alleen. De fiets was slechts het vervoermiddel waarmee ik andere zaken ter plaatse bracht. Die ene zomer dat ik ijs verkocht vanuit een bakfiets. De talloze ochtenden van de krantenwijk. Het zaterdagbaantje als reserve-hulpbesteller bij de PTT.

Nog altijd voelt het vreemd als ik op het platteland onderweg een postbode tegenkom op een brommer. Dat vervoermiddel hoort om éen of andere reden niet bij die taak.

Voor mij.

Fietsen is zo’n normale manier van verplaatsen in Nederland dat ik tot dit boeklogje zelfs nooit beseft heb daarmee mijn geld te hebben verdiend. Ook al omdat het inhoudelijk nooit een bewuste keuze was juist die baantjes te willen hebben. Mij ging het om het geld.

Niemand die me bij de sollicitatie ooit vroeg wat mij zo aantrok aan werken in de buitenlucht.

En ik geloof niet dat iemand me in dit land ooit om uitleg zou vragen wáarom ik vroeger ooit kranten heb rondgebracht. Want zo velen deden dit met mij als tiener. Evenmin zit er een roman in die bezigheid, laat staan verrassende memoires.

Maar met het bestaan als fietskoerier ligt dat allemaal net wat anders. Terwijl deze koeriers toch ook niet meer dan postbodes zijn, lijkt het allemaal aanzienlijk spannender wat ze doen — waarschijnlijk omdat wij daarbij eerder aan een Amerikaans verschijnsel denken; waarvan de subcultuurtjes zelfs zijn vastgelegd in films, en in hippie muziekvideo’s.

Zo reden Amerikaanse koeriers gauw eens op fixies; fietsen zonder vrijloop achter. Mede omdat dit de fietsen zijn die het minste onderhoud nodig hebben bij slecht weer. En als gevolg daarvan is menig klassiek stalen racefietsframe in Nederland verneukt; omdat men hier de doortrapper zag als een interessant modeverschijnsel om ook eens te proberen. Moesten al die rare uitsteeksels op de fiets voor het mooi nog wel even worden weggeflext.

Emily Chappell was fietskoerier in Londen — al sluit ze niet helemaal uit dat vak nog weer eens op te pakken, als dat zo uitkomt. Want óf een beginnend koerier houdt er binnen veertien dagen mee op, óf zo iemand houdt er een verslaving aan over die heel lang kan aanhouden.

What Goes Around bevat haar memoires aan deze periode — in de jaren vanaf 2008. Want die plaatsbepaling in tijd is wel belangrijk. Voor Emily Chappell sprak het al vanzelf via een radio te worden aangestuurd. Er was satellietnavigatie. En als ze winterkleding nodig had of een nieuw onderdeel voor haar fiets dan was dat allemaal online te bestellen.

Toen de eerste fietskoeriers hun diensten aanboden daar in de jaren tachtig was dat allemaal niet. Tegelijk hadden die bedrijfjes het aanzienlijk drukker. Vergeleken met de koeriers toen moest Emily Chappell vele kilometers meer afleggen, van stadsdeel naar stadsdeel gaand.

What Goes Around bleek mede daarom toch het meest een boek te zijn over Londen; waarin de metropool bekeken werd daar iemand in de marge. Want fietskoeriers horen zich te melden bij de leveranciersingang, achterom. Liever niet via de prestigieuze ingang voor.

En het is ook vooral een uitgave over de mensen die ze daarbij zoal ontmoette.

Mooi zijn verder haar beschrijvingen over de wisseling van de seizoenen buiten. Of, hoe vies het bestaan van een fietskoerier zijn kan, en hoe iemands tolerantie tegenover vuil daarom verandert.

Minder, helaas, vertelde het boek over Emily Chappell zelf. Terwijl zij toch een opvallende keuze maakte door fietskoerier te worden, na onder meer een Cambridge-studie en de bijbehorende academische ambities.

Komt daar nog bij dat het fietsen in de meeste buitenlanden al evenmin vanzelf spreekt.

Nu ja, ze fietst graag. Alleen wist ik dit al. Dit jaar was ze onder meer de snelste vrouw in de Trancontinental, een race waarin de deelnemers op eigen kracht, zonder enige hulp van buiten, van Geraardsbergen in België via de Alpen naar Turkije hebben te gaan.

Waren er daarvoor onder meer nog lange reizen per fiets die haar van Europa tot China en Japan leidden, en een wintertocht door Alaska heen.

Wat haar uiteindelijk ging tegenstaan in het bestaan als fietskoerier wordt ook niet helemaal duidelijk. Al gaat er aan het einde van het boek nog een heel stuk over de gevaren van het fietsen in een Britse grootstad, waar de automobilisten gewend zijn om te heersen. En wordt aan die vanzelfsprekendheid getornd, dan is de reactie vaak ook meteen onnodig agressief.

What Goes Around neemt daarmee absoluut de valse romantiek weg over het leven van een fietskoerier — wat uiteindelijk gewoon een bestaan is als dagloner ergens in de marge. Alleen, stond daar in dit boek vervolgens genoeg tegenover? Anderzijds, het is een debuut, en dat het boek iets anders bracht dan ik ervan hoopte, is alleen mijzelf kwalijk te nemen.

Emily Chappell, What Goes Around
A London Cycle Courier’s Story

310 pagina’s
Guardian Books and faber & faber, 2016

[x]opgenomen in het dossier:


© Boeklog 2005-2017. Alle rechten voorbehouden