Geluk is een jurk ~ Cécile Narinx

► door: A.IJ. van den Berg

Laat iemand vertellen met aandacht voor detail en ik raak al gauw geïnteresseerd. Hoef ik niet eens iets met het onderwerp te hebben.

Zo bestaat er een weblog waarop alle minutiae besproken worden van de kleding die James Bond droeg in de films. En die website fascineert me al jaren. Terwijl de films me met onverschilligheid slaan, laat staan dat de rij aan acteurs me interesseert die het personage James Bond hebben gespeeld. Zelfs de daar met gloed besproken jasjes vind ik te onhandig om zelf te dragen — de snit daarvan is bedoeld, sinds heel lang geleden al, voor iemand die rechtop te paard zit, niet voor de fietser die ik gauw eens ben; want voor mij zijn dan de mouwen te kort.

En toch moest ook het meest recente weblogje gelezen worden over de dassen die Bond heeft gedragen.

Daardoor meende ik iedereen wel te kunnen lezen die over mode zou schrijven. En misschien is dit ook zo. Want Geluk is een jurk bleek vrijwel nooit rechtstreeks over kleding te gaan, laat staan over de echt tekenende details van een kledingstuk of accessoire. Evenmin wordt het verschijnsel mode geduid. In plaats daarvan is het boek een verzameling van los materiaal dat uiteindelijk nog het best informeert over hoe het was om voor een modeblad te werken, eind twintigste begin eenentwintigste eeuw. Cécile Narinx was indertijd hoofdredacteur van de Nederlandse Elle. Inmiddels is ze getransfereerd.

Iemand uit de tijdschriftenbranche legt dus haar werk uit, wat ze daarbij doen moest, wie ze ontmoette, en wie of wat er van betekenis is in dat wereldje. Het boek heeft daardoor een opvallend hoog gehalte: ik stond erbij en ik mocht er naar kijken.

Bovendien heeft Cécile Narinx het daarbij prettig luchtig gehouden, en daarmee werd Geluk is een jurk een hap-lees-weg boek.

Toegegeven, ze heeft me ook op een paradox gewezen.

Een intrigerend gegeven staat bijvoorbeeld in ‘Een tas is geen tas’. Dat stuk beschrijft hoe de tas voor een vrouw net zo’n statussymbool kan zijn als de auto voor een man. Maar een groot risico daarbij is om er éen te kopen die net dat jaar toevallig in is. Want het jaar erop heeft jouw tas toevallig net de verkeerde kleur, of de foute gespen, wat het ding dan dateert. En dat maakt dan enorm uit, voor de vrouwen in het wereldje die rustig sjakosjes kopen van € 1700 het stuk.

Dus is het misschien slimmer om te investeren in een klassieke tas.

Vergelijkbare conclusies worden getrokken over de little black dress, of het gegeven dat een jurk speciaal voor jou ontworpen en gemaakt wordt toch wel het summum is. En dat maakt het dus opvallend dat Cécil Narinx enthousiasme uit over twee verschijnselen die voor mij schuren.

Enerzijds bestaat er dus die modewereld, met zijn nieuwe collecties elk seizoen, waarin alles net anders dan eerder, en waarbij op de modebladen altijd weer de dure plicht rust om bij de presentaties te zijn. Voelen de medewerkers zich nog uitverkoren ook als ze vooraan bij de catwalk mogen zitten om als eerst te mogen aanschouwen wat er allemaal nu weer nieuw nieuw nieuw is.

Anderzijds is het voor je gemoedsrust beter om iets aan te schaffen dat helemaal niet net in de handel is, maar waarvan het ontwerp zich al tijden bewezen heeft. Of om te kiezen voor iets dat uniek op jouw maten wordt toegesneden.

Waardoor ik dus denk: is het je overgeven aan de mode dan soms niet een enorm teken van onzekerheid? Wat een vreemde keuze toch om anderen te laten bepalen wat je aantrekt. Zo bezien mag ik dus zelfs blij zijn in Nederland te wonen, waar de vrouwen zich uit vrije wil het liefst praktisch kleden, want je moet er wel in kunnen fietsen; waarover mode-ontwerpers elders dan weer spottend doen.

Dictatortjes kunnen er slecht tegen als hun ideeën geminacht worden. Mode is een vorm van indoctrinatie, schreef ik ook al eens. Cécile Narinx deed me iets te luchtig over dat gegeven en de bijbehorende groepsdruk.

Geluk is een jurk heeft als ondertitel ‘De modewereld van binnenuit’. En dat interesseerde me dus minder dan een blik naar de modewereld van buitenaf. Omdat er nog zo veel te zeggen zou zijn geweest over mode als economische activiteit — geen mooiere handel dan die waarin de handelaar zijn klanten telkens weer met het idee kan opzadelen dat ze enkel verouderd spul in bezit hebben. Toch, een derde maar van alle kleding die geproduceerd is, wordt verkocht voor de vooraf vastgestelde prijs.

Cécile Narinx, Geluk is een jurk
De modewereld van binnenuit

256 pagina’s
Bertram – De Leeuw Uitgevers, 2012

[x]opgenomen in het dossier:


© Boeklog 2005-2017. Alle rechten voorbehouden