Lobbyland ~ Ariejan Korteweg & Eline Huisman

► door: A.IJ. van den Berg

Niemand weet hoeveel lobbyisten er actief zijn in Nederland. Wat mede is door de vaagheid van het begrip. Elke burgemeester die in Den Haag om aandacht komt vragen voor de problematiek in zijn of haar gemeente zou namelijk ook een lobbyist genoemd kunnen worden. Terwijl zo iemand toch voor de overheid werkt.

Een decentrale overheid, hoor je dan te zeggen, overigens. En dus niet: een lokale overheid. Laat staan: een lagere overheid.

In mijn opinie kan zelfs de hele Eerste Kamer als een lobbyistenclub worden gezien — omdat het senatorschap een bijbaan is voor mensen die gauw eens werkzaam zijn voor branchekoepels en andere belangenorganisaties.

Een organisatie als Transparancy International schat dat er in Nederland 25.000 lobbyisten actief zijn. Andere ramingen liggen doorgaans een heel stuk lager. Wat mede komt omdat menig lobbyist onder een andere beroepsnaam acteert.

Voor Lobbyland probeerden Ariejan Korteweg en Eline Huisman een jaar lang om meer inzicht te krijgen in wie er zoal lobbyt, en wat deze mensen daarbij teweeg kunnen brengen. Wat zij daarbij aantroffen, werd eerst in De Volkskrant gepubliceerd.

Eerste probleem daarbij was dat velen in deze beroepsgroep zichzelf liever niet op de voorgrond plaatsen. Ook al menen zij de smeerolie te zijn in de democratie. Daar, om processen soepeler te laten verlopen.

En daarnaast spelen er nog twee typische Nederlandse zaken.

Het eerste gegeven bestaat eruit dat er in dit land op alle niveaus eeuwig gepolderd wordt. Overleggen is normaal. Punt wordt dan alleen ook dat er goede informatie nodig is, om over te kunnen praten. En wie levert die dan aan, gegeven dat politici tegenwoordig passanten zijn, en ambtenaren ook zelden meer dan enkele jaren op dezelfde plek blijven kleven?

Het duidelijkst wordt het eeuwige kennistekort zichtbaar in de Tweede Kamer — waar vooral de oppositie nogal eens op informatie leunen moet van een lobbyist. Zo’n Kamerlid heeft een enorme kennisachterstand ten opzichte van het kabinet, wat kan steunen op alle ambtenaren bij de ministeries. Zo’n parlementariër heeft hoogstens éen fractiemedewerker om te helpen bij alle uitzoekwerk.

Mij lijkt het een ernstig probleem voor de kwaliteit van een democratie als een parlement zijn controlerende taak met zulke geringe middelen moet doen.

In Lobbyland worden zulke conclusies hoogstens impliciet getrokken. De auteurs beamen overigens wel de conclusie van Joris Luyendijk ooit, dat lobby’s het meeste effect hebben als een wet nog niet bestaat, voor met het schrijven wordt begonnen. Als er in de Tweede Kamer nog van alles bijgestuurd moet worden, is dat al te laat.

Goed aan dit boek is dat inzichtelijk wordt gemaakt hoe weinig er inzichtelijk te maken valt over dit onderwerp. Het glibbert alle kanten uit. Alleen leek me dat de lobby’s van het grootbedrijf, of bijvoorbeeld van een georganiseerde misdaad als de tabaksindustrie, buiten het verhaal zijn gebleven.

Terwijl het huidige kabinet dan wel ineens, uit het niets, de dividendbelasting voor buitenlandse bedrijven wil afschaffen — naar verluid door chantage van Unilever, dat dreigde zijn hoofdkantoor naar Londen te verplaatsen. Om slechts éen van de raadsels te noemen die blijven spelen rond besluiten in de vaderlandsche politiek.

Ariejan Korteweg & Eline Huisman, Lobbyland
De geheime krachten in Den Haag

256 pagina’s
De Geus, 2016

[x]opgenomen in het dossier:


© Boeklog 2005-2017. Alle rechten voorbehouden