Banana ~ Dan Koeppel

► door: A.IJ. van den Berg

Eva probeerde Adam te verleiden tot het eten van een banaan. Dat suggereert de Koran tenminste, en door de eeuwen heen zijn ook bijbeldeskundigen tot die conclusie gekomen. De banaan groeit tenminste in de subtropen, en heeft behoorlijk sexuele bijbetekenissen; zeker als een vrouw er éen in handen neemt.

Welke onnozelaar dat toch ooit bedacht heeft van die appel? Dat moet er wel iemand zijn geweest uit koele streken.

Dat de banaan ook buiten de regio’s waar deze groeien kan de populairste fruitsoort werd, levert een heel ander chapiter op — en daarbij geen heel vrolijke geschiedenis; omdat het zo’n in-en-in kapitalistische historie is. Dan Koeppel doet evenwel een zeer verdienstige poging om dat grote verhaal te vertellen, in Banana. Zelden zo’n effectief boek gelezen als dit. Elk van de beknopte hoofdstukken leest als een spannend kort verhaal.

Zijn geschiedenis heeft alleen geen echt begin, en een wel zeer open einde.

Zeker is hoogstens dat er bananensoorten waren die vijf millennia voor Christus al gekweekt werd in het westen van Nieuw-Guinea, om van daaruit over Zuidoost-Azië verspreid te raken. De eerste geschreven bronnen over de vrucht stammen uit India, en het is een groot raadsel hoe de banaan daar al 2½ duizend jaar terug terecht kan zijn gekomen.

Tegenwoordig komt met regelmaat het bericht in het nieuws dat de banaan nog slechts even heeft. Wat voor ons niet per se een probleem hoeft te zijn. Alleen bestaan er streken in Afrika waar de bevolking tot driekwart van hun dagelijkse calorieën haalde uit bananen.

De vrucht is ook een beetje raar. We eten enkel zaadloze en dus steriele exemplaren, die dan ook nog allemaal hetzelfde zijn. Bananenplanten worden gemaakt, door een tak van een plant op een andere stam te enten. En dat is dus ooit met een eerste tak gebeurd, heel lang geleden.

De banaan die wij eten, de Cavendish, is daarmee een complete monocultuur. Wat betekent dat een schimmel of andere pest éen plant ergens in de wereld aantast, álle bananenplanten in de hele wereld daar gevoelig voor zullen zijn. En dat zijn ze dus. Gevaar dreigt inmiddels bijna overal.

Een eerdere banaan, de Gros Michel, kon na 1960 nergens meer in de wereld op grote schaal worden gekweekt zonder meteen ziekten op te lopen, en moest voor de handel daarom wel vervangen door de inferieur smakende Cavendish.

Koeppel besteedt in zijn boek veel aandacht aan de pogingen die er zijn om een nieuwe banaan te vinden, die resistent zal zijn tegen de meest voorkomende ziekten. Al speelt daar het probleem bij dat zo’n vrucht waarschijnlijk gemaakt moet worden — en de consument zeker in Europa grote problemen heeft met alles waar bewuste genetische modificatie bij kan hebben gespeeld. (In de VS wordt het publiek dom gehouden over wat er met voedsel kan zijn gebeurd; daar staat zulke informatie gewoon niet op het etiket).

En de banaan heeft ook een behoorlijk zwarte kant omdat de vrucht vanaf het begin van de import in de VS een massaproduct was. Dus ging het de importeurs er om de kosten bij alles zo laag mogelijk te houden, en zeker bij het verbouwen. Een bedrijf als United Fruit, dat later Chiquita ging heten, bezat zoveel grond in Midden-Amerika, en had er zo veel invloed dat het er de landspolitiek kon bepalen. En anders hielp de VS met zijn militaire macht wel een handje mee. Waarmee dus ook het bestaan van de term ‘bananenrepubliek’ verklaard kan worden.

Maakte het zo’n bedrijf al evenmin uit dat de kwetsbare plantages de hele tijd met pesticiden moesten worden bestookt om de struiken in leven te houden; en dat zulke bestrijdingsmiddelen ook de gezondheid van de arbeiders raakte.

Maar de VS heeft zelfs in 1993 nog een handelsoorlog met de Europese Gemeenschap willen voeren over bananen — de Europese lidstaten hadden hun markt gesloten om de beginnende eigen kwekers te beschermen; en dat was de Amerikaanse bananenmultinationals niet naar de zin.

Dat het paradijs niet voor ons was weggelegd door die banaan van Eva is dus slechts éen vlekje van vele. Want dat er geen vrucht zal zijn waar zoveel ellende door ontstaan kon, maakt Banana al te duidelijk.

En toch vind ik deze fruitsoort niet eens speciaal lekker. Handig is het wel om even een banaantje te pellen, als je toch wat eten wilt; en niet mag snoepen. Dat is al.

Dan Koeppel, Banana
The Fate of the Fruit that Changed the World

281 pagina’s
Plume 2008, oorspronkelijk 2008

[x]


© Boeklog 2005-2018. Alle rechten voorbehouden

reageer

XHTML: Enige HTML is toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>