U.S. 1 ~ Jeroen van Bergeijk

► door: A.IJ. van den Berg

Een vraag die wel niet te beantwoorden zal zijn, en me nu toch even kwelt: leeft 9/11 nog in de collectieve verbeelding? Of hebben enkel zij last van deze herinnering die bewust de dag meemaakten dat er twee vliegtuigen in een stel wolkenkrabbers vlogen, en daar zelfs beelden van bleken te zijn, die naderhand eindeloos werden uitgezonden?

Wie komende maand aan een studie geschiedenis begint, bestond weliswaar al op 11 september 2001, alleen was dat wel zonder al te veel benul. Voor een hele generatie al is die gebeurtenis iets enkel uit overlevering.

En sindsdien heeft de VS zoveel mispeuterd in de wereld dat alle goodwill die er even was na de aanslag verspeeld lijkt.

Meest directe erfenis voor ons van 9/11 zal zijn dat luchtreizen een stuk onprettiger werd. Inchecken duurt langer, omdat de autoriteiten dit theater nodig hebben om te laten zien dat zij om veiligheid geven. Alleen heeft eenieder die vliegen een tergend egoïstische aanslag vindt op het milieu, en daarmee het klimaat, hier geen enkele last van.

Belangrijkste erfenis is daarom dat de VS deze ene terroristische aanslag benutte als aanleiding voor twee invasies in autonome landen, Afghanistan eerst, en daarop Irak, en om voortaan iedereen online op de hele wereld onder permanent toezicht te stellen — waartoe de plannen trouwens al klaar lagen. Want er wordt sinds september 2001 in naam een permanente oorlog gevoerd. De ‘War on terror’. Die nooit gewonnen kan worden, en daarom nog wel even zal voort blijven kankeren.

Jeroen van Bergeijk woonde in New York, toen daar de vliegtuigen het World Trade Center invlogen. En na die terreurdaad was er even saamhorigheid tussen de bewoners in de stad, in plaats van de gebruikelijke onverschilligheid; waarin buren geen woord met elkaar wisselen; alleen al omdat ze elkaar niet kennen.

Ook Van Bergeijk wilde helpen direct na 9/11; om daarbij te merken dat er niet eens een mogelijkheid was om goed te doen door het overaanbod aan vrijwilligers. Uiteindelijk kwam hij in een loods terecht, om daar vlaggen te vouwen — wat hem nog tot overpeinzingen aanzette ook over de ‘stars and stripes’. Beide uiterste posities waren hem daarbij vreemd, zowel het blinde patriottisme verbonden aan het dundoek, als de pure haat om de doden die de militairen van het land elders maakten, deelt hij niet.

In U.S. 1 worden twee ideeën gecombineerd. Voor dit boek bekeek Jeroen van Bergeijk welke gevolgen die ene fatale dag in september 2001 hadden voor de rest van de VS. Daartoe maakte hij een roadtrip in een enorme Cadillac, zoals toch al een vaag plan was, langs de U.S. Route 1 — de oerroute aan de oostkust van de Canadese grens in Maine in het noorden tot diep in Florida in het zuiden.

Tegenwoordig heeft de Interstate 95 die rol van noord-zuid-verbinding overgenomen. Dus is de U.S. 1 vaak een bijweg geworden, al zijn er plaatsen waar de extra wegcapaciteit parallel aan de hoofdweg nog wel belangrijk bleef. En bijwegen voeren doorgaans langs de achterkant van het gelijk.

Vraag werd daarmee of die tijdelijke obsessie van de schrijver over terreur dit boek een meerwaarde gaf boven het gebruikelijke reisboek. En na enig nadenken was dit toch wel zo — omdat U.S. 1 daarmee de valstrik vermeed van het doorsnee reisverslag, dat alle ontmoetingen onderweg zo vreselijk toevallig zijn; en daarmee zelden iets toevoegen aan het verhaal. Van Bergeijk stelde iedereen onderweg dezelfde vraag: is er ook iets verandert?

Toegegeven, zijn teleurstellende bezoekjes aan de Amish, of de Harvard Business School, of de nare rondleiding op het hoofdkantoor van de FBI, waren niet meer dan pure improvisaties. Daar tegenover staat wel dat hij per se in de motelkamer wilde overnachten waarin de bekendste dader van 9/11, Mohammed Atta, zijn laatste nacht had doorgebracht, en hij de vliegschoolhouder opzocht die de kapers les had gegeven.

Maar denk al deze elementen weg, dan nog was het goed om een boek te lezen dat niet als een blije toeristengids uitpakte over een land en zijn bezienswaardigheden; omdat de VS gewoon erg vreemde kanten heeft, en Van Bergeijk ook een heel tal daarvan wist te benoemen.

Ondertussen doet de VS tegenwoordig mee met Saoedi-Arabië met een in de massamedia vrijwel doodzwegen oorlog tegen Yemen; waarin al duizenden burgerdoden zijn gevallen. Aan de Arabische kant vechten nogal wat voormalige Al Qaida-strijders mee.

Vijftien van de negentien vliegtuigkapers op 9/11 hadden toch al de Saoedi-Arabische nationaliteit.

Jeroen van Bergeijk, U.S. 1
Amerika na 11 september

256 pagina’s
Meulenhoff, 2002

[x]opgenomen in het dossier:

nauw gerelateerd op boeklog:


© Boeklog 2005-2018. Alle rechten voorbehouden