dit is het dossier:

Jan Bosschaert

© Boeklog 2005-2017. Alle rechten voorbehouden

 

Geverniste vernepelingskes 6 ~ Urbanus & Bosschaert

En toen prijkte er een kritische persiflage op de ‘graphic novel’, in het zesde deel van De geverniste vernepelingskes. Al eindigde ook die als vanzelfsprekend met een blote Belg. Wel had deze ditmaal zelf al dat portret in de wereld gebracht. Kristien Hemmerechts poseerde ooit frontaal naakt voor een foto, en dat leverde praat op indertijd. Plus karikaturen dus.

En de beide pagina’s van dit stripje al leverden me twee vrij principiële vragen op. Waarvan de eerste nog wel te beantwoorden was.

Maakte het voor mijn leesplezier uit dat ik de meeste afgebeelde BV’s in de reeks niet ken? Noch weet had van de actuele aanleiding die zo’n verhaaltje soms ook had?

En dan geldt toch dat ik de geportretteerde ook lang altijd niet herkende als het gezicht me wel bekend was. Jan Bosschaert is lang altijd niet in staat om als tekenaar gelijkenissen te treffen in een luttel tal lijntjes. Vergeleken met de eerste albums uit de serie valt daarom op dat hij in latere verhalen op tenminste éen plaatje extra zijn best deed om toch die ene keer een gelijkend portret te tonen.

De Vlaamse politicus Bart De Wever is in éen van de albums die ik las nog dik, en uitbater van een frietkot. Thans is hij tientallen kilo’s lichter, burgemeester van Antwerpen, en nog zo wat meer — de Belgen stapelen politieke functies op een manier op waarnaast de Nederlander Geert Wilders een bijbeunend amateurtje lijkt.

Alleen verandert de grap die Urbanus met hem heeft daar inhoudelijk niet van. Hoogstens kan over De Wever worden gezegd dat het opmerkelijk is als een man eens radicaal van uiterlijk verandert. Sommige vrouwen veranderen hun kapsel met het seizoen.

En juist bekende vrouwen komen in De geverniste vernepelingskes voor; waarbij het zelden om hun kapsel gaat.

Principiëler is de vraag die Urbanus stelt door zijn versie van de ‘graphic novel’ te presenteren. Zijn dat nu echt betere boeken, met hun gefakete spanning die nooit spannend wordt, dan de ouderwetse stripverhalen bieden uit de Franco-Belgische school? Zoals desnoods de anarchie en totale smakeloosheid van De geverniste vernepelingskes?

Ik heb me met een album als dit aanzienlijk beter vermaakt dat met Charles Burns’ Black Hole, of Dick Matena’s ellenlange verstripping van een roman die er al was.

Want, zoals een romanauteur de lezer een reden moet geven om door te blijven lezen, zo moeten de makers van strips hun publiek tot kijken blijven dwingen.

Alleen moet er dan wel wat te zien zijn.

De geverniste vernepelingskes is een stripreeks die alleen als strip kan bestaan. Omdat er verder geen medium bestaat waarin bijvoorbeeld de oude koningin verkleed als Catwoman op rooftocht uit kan gaan; kwaad omdat de omroepen meer geld krijgen dan het koningshuis. Zijn er zo nog tien andere voorbeelden te geven.

Deze reeks leunt dan ook totaal op de totaal onvoorspelbare geest van Urbanus; die zijn verhalen altijd weer een niet verwachte kant op kan sturen.

Wonderlijk genoeg worden de grappen die dit oplevert in de loop van de serie niet slechter. Wel vreemder. Terwijl éen element helaas verdwijnt. In de latere albums lopen de BV’s soms al uit zichzelf bloot rond op straat. Terwijl in het begin tenminste nog aanschouwelijk werd gemaakt hoe ze hun kleren verloren.

Hebben de makers toch de spanning genegeerd die een striptease biedt.

Urbanus & Bosschaert, De geverniste vernepelingskes 6
z.p.
Standaard Uitgeverij, 2012

Geverniste vernepelingskes 7 ~ Urbanus & Bosschaert

Het aantal boeklogjes dat ik nog zal schrijven, is te overzien. En daarmee dringt zich de vraag op wat er nog mist, op deze website. Wat heb ik wel gelezen de afgelopen decennia, zonder daar hier aandacht aan te schenken?

Waarop dan éen antwoord luidt: mijn liefde voor absurdistische Belgische humor is amper aan bod gekomen. Wat kan komen omdat zelfs de Vlaamse grootmeesters van dit genre vaker te flauw voor woorden zijn dan dat ze doel treffen, om mij.

Toch is het soms buitengemeen knap wat ze bedenken. Waardoor het haast zonde is dat de strips die ze maken als medium zo’n slechte reputatie genieten. Omdat literatuuruitleggers veel minder goede vondsten in romans zo vaak overdreven bejubelen.

Het magisch realisme is ook een stroming in de kunsten alleen. Want gebruik dezelfde mechanismen tot vervreemding in een ander genre; vervolmaak deze bovendien doordat er ook nog een goede timing nodig is, om een grap te kunnen maken, en zo’n uitingsvorm wordt dan ineens iets om enkel mee te lachen. En daarmee plat.

Eén van de meest krankzinnige stripreeksen die ik eind vorige eeuw leerde kennen, heet De geverniste vernepelingskes. Brein achter deze serie is Urbanus, die samen met tekenaar Jan Bosschaert, maandelijks een twee-paginastrip maakte voor het mannenblad Ché.

Dus komen er blote tieten voor in de verhalen. Al heten deze daar tetten.

Sterker nog, de hele reeks leunt op het gegeven dat Bekende Vlamingen [BV’s] op een gegeven moment bloot te kijk staan op de tekeningen. Bekende Vlaamsen wat vaker dan Vlamingen toch.

Maar dit is dan toch slechts weer een onderdeel van het verhaaltje dat verteld wordt; want de strip zelf verloopt immer onvoorspelbaar. Hoogstens is regel dat Urbanus & Bosschaert — de enige vaste personages in deze verhalen — zelf het grootste slachtoffer worden van hun plannen. Ze eindigen in menig verhaal in de rechtbank, en gaan zelfs weleens dood. Alleen is daar de volgende aflevering dan niets meer van te merken.

Het absurdisme van de reeks ontstaat doordat alle gebeurtenissen volkomen overtrokken zijn. Wat dan mede komt omdat daarbij de grenzen van de goede smaak achteloos worden genegeerd.

De geverniste vernepelingskes 7 biedt meteen al ruimte aan grof geweld tegen personen, poepgrappen, sexgrappen, een AIDS-grap, spot over Nazi’s, een afrekening met het katholieke geloof, anarchie, en misstanden in de veesector. Plus een grap over het hooimijtkapsel van zangeres Selah Sue. En dan ben ik het boek amper begonnen.

Negeer ik alle vrouwonvriendelijkheid nog.

Toch werkt dit. Zoals van het uitvergrote cartoongeweld in tekenfilms ook overduidelijk is dat die allemaal niet echt kan zijn.

Al vond ik de eerste albums uit de serie beter dan dit deel 7. Tekenaar Jan Bosschaert hield er hierna ook mee op.

[ is vervolgd ]

Urbanus & Bosschaert, De geverniste vernepelingskes 7
z.p.
Standaard Uitgeverij, 2012