99 Novels ~ Anthony Burgess

In 8½ jaar boeklog kwam er niet eerder inhoud aan bod die zo lijkt op wat ik hier doe. In aanpak dan, hè.

Anthony Burgess beschreef voor 99 Novels negenennegentig romans, zoals de titel belooft. En hij deed dit kort, met een paar honderd woorden steeds — die lang altijd niet rechtstreeks over het boek gingen. Omdat Burgess daarbij de persoonlijke opinie niet schuwde, en een roman ook weleens in een breder perspectief plaatste.

Had ik dit boek kortom eerder gelezen, dan had Burgess’ manier van beschrijven als blauwdruk kunnen dienen voor mijn boeklogjes. Nu heeft mijn aanpak zich langzaam moeten ontwikkelen, wat ook niet verkeerd is.

Volgens de verhalen werd 99 Novels in twee weken samengesteld en geschreven. Waarbij ik denk, mijn ervaring met boeklog indachtig: dat is ook heel goed mogelijk.

En Burgess stelde zijn lijst van de beste romans in het Engels samen op verzoek van een ander. Waarbij ik denk: ja, want waarom zou je dat anders ook doen?

De tijdspanne van 45 jaar die Burgess koos was evenwel redelijk willekeurig — in 1939 begon de Tweede Wereldoorlog, in 1984 wist hij dat Orwell’s waarheid vals was gebleken — het aantal titels dat hij in zijn canon opnam eveneens. Bovendien was zijn aanpak hoogst particulier.

Zo lijkt de voornaamste eis aan een roman te zijn geweest om opgenomen te worden in de lijst dat daarin iets nieuws moest gebeuren.

Was er nog de niet geringe beperking voor een canon, in mijn opinie, dat hij alleen origineel Engelstalig werk opnam. Maar Anthony Burgess schreef ook meteen dat hij discussie over zijn keuze aanmoedigde.

De lijst die hij opstelde is tegenwoordig ook online te vinden. Alleen ontbreekt daarbij de toelichting; die toch wel noodzakelijk is.

Vraag voor mij was daarmee al niet meer die belachelijk pretentieuze: hoeveel uit Burgess’ canon las ik inmiddels zelf? Want dat was al bekend; dat zijn dan 26 van de 99. [1]

De belangrijkste vraag na het lezen van het boek werd simpel: heeft Anthony Burgess me aangezet om nieuwe schrijvers te ontdekken, of in elk geval nieuwsgierig gemaakt naar onbekende romans? En daarop is het antwoord domweg ja. Omdat hij eclectisch koos, en die keuzes goed verdedigde. Naast een paar gekende titels uit de academische canons — zoals Finnegans Wake, Pale Fire, of Gravity’s Rainbow — zette hij ook rustig een James Bond in zijn lijst, of een roman van Nevil Shute. Bovendien koos hij opvallend vaak net een ander boek van een beroemd auteur dan het overbekende.

Verder leek zijn oordeel in een aantal gevallen sterk op het mijne; bijvoorbeeld in hoe Burgess over Brideshead Revisited schreef.

En als een criticus vertrouwen opwekt door zijn oordeel, kan zo iemand voor even een baken worden, om op verder te koersen.

Al blijft het raar dat hij in een ander boek Ulysses van Joyce de beste roman ooit noemt.

Ninety-Nine Novels
The Best in English since 1939
A personale choice
by Anthony Burgess
160 pagina’s
Allison & Busby, 1984
  1. op boeklog kwamen daarvan langs: A Bend in the River, Brideshead Revisited, Catch-22, en No Highway. []

Homage to QWERT YUIOP ~ Anthony Burgess

Drie dikke bloemlezingen zijn er gemaakt met journalistiek werk van Anthony Burgess (1917 – 1993). Terwijl de man verder nog zo onnoemlijk veel meer geschreven heeft. De toch al lange lijst op Wikipedia noemt bijvoorbeeld zijn werk voor de film niet eens.

Homage to QWERT YUIOP bevat bijna zeshonderd pagina’s dichtbedrukt met tekst. Allemaal binnen acht jaar geschreven. Ongetwijfeld naast nog veel meer aan werk.

Bovendien bestaat het meeste van wat Burgess journalistiek noemt uit recensies. Naast al dat schrijven, was er dus ook het verplichte lezen. Waarbij verder opvalt dat hij tal van overzichtswerken, verzamelbundels, en dikke biografieën te bespreken kreeg.

Slechts enkele stukken zijn pure essays; al waren ook die waarschijnlijk nooit geschreven zonder een verzoek of een opdracht. Zo gaat éen essay erover waarom hij Ulysses de beste roman ooit vond.

Opvallend voor een veelschrijver is dat hij het schrijven voor geld bij anderen verafschuwde. Een recensie over een grote verzamelbundel met verhalen van F. Scott Fitzgerald werd tegelijk een klaagzang over hoe die auteur zijn talent verkwanselde, met makkelijk maakwerk voor de blaadjes.

Hemingway kan al helemaal niets goed doen in de ogen van Burgess.

Tegelijk is dat een bibliotheek van een boek, waarin me misschien wel te zeer de heel sterke meningen zijn opgevallen. Die blijven tenminste hangen. Omdat het zo’n tijd duurde voordat ik het boek helemaal gelezen had, staat me niet helemaal meer bij wat ik er in het begin over dacht.

Een verzameling met voornamelijk boekbesprekingen maakt doorgaans wel een lakmoesproef mogelijk. Als Burgess iets las wat ook ik gelezen heb, hadden wij dan hetzelfde gezien? En dan moet gezegd dat hij nauwelijks boeken besprak die ik kende. Nogal wat recensies gaan bijvoorbeeld over taal- of muziekboeken.

Beschreef hij dan uitgaven op zo’n manier dat ik daar nieuwsgierig naar werd? Nee, dat gebeurde ook al niet. Ik heb tenminste geen boektitels genoteerd om nog eens beter te bekijken.

Het waren dus echt de uitspraken van Burgess, die me tot doorlezen aanzetten. Zijn soms zo stevige oordelen, over zaken die ik meestal niet eens ken. Zelfs al kwam hij daarbij maar af en toe tot een uitspraak die ook ik had kunnen doen:

scheiding

Why is most Science Fiction so damned dull?

Anthony Burgess, Homage to QWERT YUIOP
Selected Journalism 1978–1985

589 pagina’s
Abacus 1989, oorspronkelijk 1986

Real Life of Anthony Burgess ~ Andrew Biswell

‘De beste roman van Anthony Burgess is de autobiografie in twee delen over zijn leven.’

Een badinerend commentaar als dit had voor mij de aanmoediging horen te zijn om juist die memoires te lezen, en niet het portret door een ander. Had ik tenminste van de schrijfstijl van een literair auteur kunnen genieten.

Maar bij iemand met zo’n gigantische productie als Burgess weet je dat hij hele decennia weinig meer gedaan zal hebben dan schrijven. Dat leven van hem geloofde ik voor nu wel even. Mij interesseerde het werk meer, en dan vooral wat iemand daar over te zeggen had die alles had moeten lezen.

Burgess’ late roman Earthly Powers staat bijvoorbeeld hoog in allerlei ranglijstjes. Ik ben tot nu toe steeds blijven steken in het boek; onder meer door de ambitie van de auteur daarin de hele vorige eeuw even na te vertellen.

John Anthony Burgess Wilson [1917 — 1993] is vooral nog bekend om de roman A Clockwork Orange — nu net de uitgave waarover hijzelf het minst te spreken was. Het boek heeft ook twee verschillende eindes; éen voor de Britse markt, en éen voor Amerikaanse lezers.

Maar hij schreef 35 romans in totaal. Plus heel wat non-fictie, TV- en filmscripts, en literaire kritieken. Was hij ook nog componist van vele werken, in de klassieke traditie, die zelden worden uitgevoerd.

Biswell’s biografie The Real Life of Anthony Burgess zette vooral aan om meer van de kritieken en essays te willen lezen. Maar dat was ik toch al van plan.

Uit wat ik tot nu toe van Burgess las, sprak namelijk zo vaak een haast achteloos gebruikte intelligentie. Hij hoefde zijn belezenheid nooit met nadruk te bewijzen, maar had al die kennis toevallig wel.

Tegelijk werd door die biografie wel een vraag hoeveel van die eruditie uit bluf bestond — als hij de verhalen over zijn leven al zo vergroot had, was er dan niet ook een neiging om alles net even wat mooier te maken? Boudewijn Büch is lang de enige dwangmatige leugenaar niet geweest in de letteren. Dat type lijkt me eerder zelfs een archetype te zijn.

Biswell wees me onder meer op katholieke thema’s in Burgess’ romans — ook al geen reden voor mij om fictie te lezen — en wist me nergens echt voor te enthousiasmeren. De opgenomen commentaren van derden op het werk, zoals van een Clive James, maakten daarentegen wel nieuwsgierig. Zonder dat ik nu al meteen bestellingen voor boeken heb geplaatst.

Deze biografie blinkt vooral uit in het ontwarren van mythes. Zo klaagde Burgess altijd nooit een cent verdiend te hebben aan de film A Clockwork Orange. En dat was een grove leugen.

En er is de oermythe dat hij gedwongen door een fatale hersentumor in éen jaar drie romans schreef, en als literator debuteerde — met als doel zijn vrouw verzorgd achter te laten. Andrew Biswell heeft wel weten te achterhalen dat Burgess indertijd behandeld is voor iets, maar niet of er daarbij sprake van een levensbedreigende tumor. Laat staan dat die genezen werd.

Wel schijnt Burgess in de jaren voordien telkens in gesprekken aan anderen het dilemma hebben voorgelegd wat zij zouden doen in de wetenschap nog éen jaar te leven te hebben.

Dit boek blinkt kortom uit in feiten. Het schiet alleen wat tekort in stijl en verhaal om op zichzelf ook iets te betekenen. Ook bevreemdde het me dat de hele jaren tachtig niet voorkomen in de biografie.

Andrew Biswell, The Real Life of Anthony Burgess
435 pagina’s
Picador, 2005