Inhoud:
Adriaan Morriën · Alissa en Adrienne
dinsdag 8 november 2005
Georg Christoph Lichtenberg · Donderslagen op muziek
woensdag 28 maart 2007
Adriaan Morriën · Vinger van een dooie mof
donderdag 17 november 2005
Adriaan Morriën · Alissa en Adrienne
dinsdag 8 november 2005
Georg Christoph Lichtenberg · Donderslagen op muziek
woensdag 28 maart 2007
Adriaan Morriën · Vinger van een dooie mof
donderdag 17 november 2005
dinsdag 8 november 2005
Hoe uitgevers ook mogen denken over Google Print, ik zou er veel voor geven om de inhoud van al mijn boeken ergens elektronisch doorzoekbaar te hebben.

Dat scheelt zo veel tijd.
Alissa en Adrienne is een boekje met observaties over de dochters van Adriaan Morriën, van toen die nog klein waren. Het zijn de verwonderde en soms geamuseerde waarnemingen van een vader, die vastleggen wilde wat nu juist zo snel verandert.
Ik meende me te herinneren dat Morriën ergens in dit boek opmerkingen over het schrijversschap maakt, geïnspireerd door een kindergesprek dat hij opvangt. De wijsneus en dwarskijker in het gesprek is uiteindelijk toch de kunstenaar, zoiets.
Zo’n citaat was niet te vinden. Zal het wel bij Carmiggelt hebben gestaan, die ook zo liefdevol over zijn kinderen en kleinkinderen heeft geschreven.
Enfin. Een van de observaties uit dit aardige boek dan maar, waarin ik vooral dat ‘vanmorgen ook al’ prachtig vind:
Op een middag kwam Alissa bij mij en zei: Ik ben verliefd.
- Werkelijk? vroeg ik.
- Ja, vanmorgen ook al, antwoordde zij.
Zij vertelde mij dat een jongen uit haar klas haar had gevraagd of zij met hem wilde gaan.
- Wat betekent het, dat een jongen met een meisje gaat? vroeg ik haar.
Zij antwoordde: Zij gaan samen naar een park en gaan daar op een bank zitten.
- Hebben jullie dat al gedaan? vroeg ik.
- Wij zijn wel in een park geweest, antwoordde zij, maar er zaten allemaal oude vrouwen op de banken.
in: a-z, [auto]biografisch, verhalen, fictie nederlandstalig
[+] zie de gerelateerde titels
woensdag 28 maart 2007

Gemeten naar de Duitstalige boeken in mijn kasten lees ik in die taal vooral chagrijnen. Misschien omdat een stekelige opmerking in het Duits nog net even iets venijniger klinkt.
Humor zoek ik dan vooral weer bij Engelstalige schrijvers. Merkwaardig zijn dat soort mechanismen toch.
Georg Christoph Lichtenberg valt buiten dit soort overwegingen. Lichtenberg is hors concours. Al moet ik nu toch echt eens een mooie uitgave van zijn kladboeken kopen. Dit boek hier is een vertaald bloemlezinkje. Maar mijn Duitstalige versie van de Sudelbücher heeft weer teveel tekst op de bladzijde, en het papier daarvan is te dun en doorzichtig om prettig te lezen.
Lichtenberg leefde van 1742 tot 1799, en was om veel redenen een interessant mens. Een natuurwetenschapper was hij, hoogleraar in Göttingen, met een geweldige nieuwsgierigiheid en een uitstekend observatievermogen. Een bij tijden gevierd en geliefd man, maar éen die toch niet in ijdelheid opsteeg. Hij had een bochel, en was mede daardoor nogal klein. Zijn gezondheid was zwak.
Mooi aan de aantekeningen in zijn kladboeken is dat hij éen van ons lijkt. Een tijdloos mens. Een hedendaags mens die met afschuw maar de grillen van zijn tijdgenoten kijkt. Die ziet dat het kerkleiders meer om macht en controle is te doen, dan om zieleheil. Die waarneemt dat wat zijn mede-hoogleraren doen niets met wetenschap te maken heeft, maar alles met hoogmoed.
Ik nam dit boekje weer eens ter hand omdat ik een citaat van hem zocht dat online niet te vinden was. Een citaat over lezen.
Het bleek een uitspraak over leren te zijn.
[…] Ik heb een auteur nooit werkelijk bestudeerd, maar alleen gelezen wat mij aanstond en onthouden wat zich, als het ware zonder mijn toedoen, althans zonder een bedoeling mijnerzijds, in mijn geheugen prentte. Maar omdat ik een zekere mate van zelfwaarneming heb betracht, kan ik misschien in de korte tijd, die ik nog heb te leven, van nut zijn door op levendige en krachtige wijze anderen te zeggen wat zij niet moeten doen. [532]
Maar voor ik deze woorden terugvond, was dit boekje alweer een paar dagen uit de kast. En proefde ik er steeds even van om me aan Lichtenberg’s wit en wijsheid te laven.
Waarnemen is slechts weinigen gegeven, lezen kan iedereen. [716]
in: a-z, aanbevolen 2007, kennis, humor, [auto]biografisch, vertaald, Deutsch [& übersetzt]
[+] zie de gerelateerde titels
donderdag 17 november 2005

Morriën schreef een tijd miniatuurtjes voor de achterpagina van NRC-Handelsblad. En zo, als de schrijver over het kleine en doorgaans te zelden opgemerkte lees ik hem ook het liefst.
Of beter is misschien: als chroniqueur van de zinnenprikkeling in het alledaagse. Toen hij nog leefde viel hem vaak de kritiek ten deel een vieze oude man te zijn, omdat hij niet nalaten kon te schrijven over wat er mooi is aan vrouwen. Wij staan oudere mannen blijkbaar niet toe die gedachten te uiten.
Literatuurreceptie legt ook voor eeuwig vast waar een tijd zich druk om maakte.
Opvallend voor mij aan dit boek was dat Morriën’s poëzie in deze context, tussen de verhalen en miniatuurtjes door, zo’n stuk vlakker leek dan in zijn bundels. Blijkbaar kan ik niet zo maar poëzie lezen; is er een prozastand waarmee ik boeken doorneem.
Als verzameling vind ik zijn bundel Het kalfje van de gnoe waarschijnlijk rijker, hoewel dit boek mij toch ook weer vijf, zes momenten intens genoegen bood. Die taal! Dat kijken…
in: [auto]biografisch, a-z, bundels, verhalen, poëzie, fictie nederlandstalig
[+] zie de gerelateerde titels
© 2005-2008 boeklog | aanbevolen | 1093 titels, gelezen sinds 1.i.2005




