Armen van de inktvis
Max Pam

Misschien is mijn wat dubbele verhouding tot Max Pam samen te vatten in éen zinnetje. Ik ben het steeds met hem eens als hij iets afkraakt, maar mijn bewondering gaat vrijwel altijd naar andere zaken uit.

Anders is niet te verklaren waarom ik bijvoorbeeld zo genieten kan van zijn kritische boekrecensies in HP/De Tijd, en tegelijkertijd er zo onverschillig onder blijf als hij voor de verandering eens iets aanprijst.

Maar goed, mannen schijnen het vaker te hebben. Dat ze denken een goed contact te hebben, misschien zelfs wel een vriendschap, en dit alleen gebaseerd blijkt te zijn op een gedeeld ongenoegen. Samen kunnen schelden is fijn. Daarom blijft het prettig een columnist te lezen die vrijwel hetzelfde denkt als ik doe. Meer zit daar niet achter.

In dit boek staan verhalen, interviews, columns, en boekrecensies uit de afgelopen vijfentwintig jaar van Pams journalistieke carrière. Blij was ik met de bundeling van een aantal stukken die ik alleen van reputatie kende. Zoals zijn onderzoek naar het bestuur van het Fonds voor de Letteren, dat zichzelf ook maar werkbeurzen toekende. Hogere beurzen dan toen ze alleen nog schreven, vanzelfsprekend.

Ook publiceerde Pam rond de millenniumwisseling in HP/De Tijd een lijst met de 100 beste Nederlandse boeken van de 20e eeuw. Het bestaan van die lijst kende ik, de inhoud niet. Natuurlijk was ik alleen al benieuwd naar wat Pam goedvindt, om dat naast mijn eigen voorkeuren te leggen. Ook wilde ik weten hoeveel ik niet gelezen had [Nog geen twintig van de honderd, en dat is opvallend weinig - Zo belezen in de Nederlandse literatuur ben ik niet].

Dus was het alleen daarom al een plezier dit boek door te nemen. Als ik dan toch iets aan kritiek moet geven: er staat onprettig veel tekst op een regel. Waarom moeten verzamelbundels in Nederland toch altijd op een koopje? Waarom is er toch altijd het idee dat zulke boeken er uit moeten zien of ze lekker veel tekst bieden voor weinig?

Ook vond ik het jammer dat er relatief weinig interviews in deze verzamelbundel zijn opgenomen, tegenover wel erg veel columns. Toegegeven, er zijn ooit twee bundels met Pams interviews verschenen. Maar ik houd er toch het idee aan over dat het in dit boek niet paste dat Pam zich in zijn beste gesprekken ondergeschikt maakte aan wat de anderen zeiden, en hij hier alleen moest schitteren.

Max Pam, De armen van de inktvis
Een keuze uit het journalistieke werk
Samengesteld door Dap Hartmann
Met een woord vooraf van Jaap van Heerden

608 pagina’s
Uitgeverij Promotheus © 2005


Leven zonder God
Harm Visser

De meeste van de mannen in deze interviewbundel schrijven zelf. De grote vraag voor mij was daarom: bieden de gesprekken nog iets extra’s? Zijn deze schrijvers al pratend tegen een ander niet heel veel minder dan in alleenspraak met het papier?

Dat viel erg mee. Visser kreeg er als interviewer genoeg uit.

Natuurlijk kan dit soms ook wel. In dialoog worden mensen soms gedwongen zich duidelijker uit te spreken dan ze uit zichzelf op papier hadden gedaan.

Een voordeel was verder dat er een duidelijk gespreksthema is. De religie. Want ook al heet dit boek Leven zonder God, het gaat natuurlijk toch over religie; hoe zeer de geïnterviewden dat geloven een dwaalweg mogen vinden.

Volgens Visser vertolken ze daarmee een minderheidsstandpunt. Dat wel zijn grote sympathie heeft.

Vraag ik me toch af voor wie dit boek bedoeld is. Goed, het is geen voorwaarde om te geloven om voor eigen parochie te kunnen preken. Het zijn wel boeiende gesprekken. Merkwaardig genoeg, vooral boeiend als ze niet rechtstreeks over religie gaan. Deze uitspraak van Matthijs van Boxsel bijvoorbeeld zette me even tot nadenken aan:

Veranderingen voltrekken zich bovendien traag, wat te maken zal hebben met het feit dat ieder mens van nature geneigd is zich tegen veranderingen te verzetten. Zo heeft onderzoek uitgewezen dat er een positieve correlatie bestaat tussen intelligentie, gemeten via de standaard IQ-test, en het vermogen een standpunt te verdedigen. Tussen intelligentie en het vermogen alternatieven onder ogen te zien, bestaat daarentegen een negatieve correlatie. Alsof we een ingebouwd filter hebben tegen overdonderende nieuwsgierigheid. Daardoor zoeken we bij voorkeur naar bevestigingen van een hypothese. [171]

Harm Visser, Leven zonder God
Elf interviews over ongeloof

192 pagina’s
Uitgeverij L.J. Veen, 2003


Niet uit kwaadaardigheid
Willem Frederik Hermans

Net als bij de bundeling van de autobiografische verhalen van Hermans heb ik mijn bedenkingen bij een boek als dit. Want, waar wil de samensteller heen?

In zijn inleiding maakt Max Pam duidelijk ervan te genieten wanneer Hermans op de man speelt. Maar wat moet ik daarmee nog, die de beledigde man helemaal niet kent? Wat zeggen mij de aanvallen op Charles, of Gomperts, zonder de daden, woorden, of aard van die mannen te kennen, anders dan via wat Hermans over hen schreef?

Of wat blijft er ruim dertig jaar later over van de hoogopgelopen woede over de Weinreb-affaire?

Hermans’ soms fantastische zinnetjes redden hem toch niet dan. Hoe hilarisch hij regelmatig ook schrijft. Maar een polemiek waarin alleen de salvo’s van de ene kant hoorbaar worden, krijgt iets vervelend eenzijdigs.

Is die andere partij werkelijk zo dom?

Een verzameling kwaadaardige gal gaat bij het lezen uiteindelijk ook zo smaken. Viezig. Te eenzijdig. En het proeft als oude meuk bovendien, waarvan de houdbaarheidsdatum meestal al te lang geleden verlopen is om nu nog meer dan een curiosum te zijn.

Context had dit een heel aardig boek kunnen maken, daar twijfel ik niet aan. Nu kijk ik er tegenaan als een wat makkelijke compilatie van hoogtepunten, waarvan regelmatig niet goed meer duidelijk is waarom het ooit zulke hoogtepunten waren.

Willem Frederik Hermans, Niet uit kwaadaardigheid
De scherpste polemieken.
Samengesteld en ingeleid door Max Pam

392 pagina’s
Uitgeverij De Bezige Bij, 2005