dit is het dossier:

Thomas Verbogt

© Boeklog 2005-2017. Alle rechten voorbehouden

 

Eerste licht boven de stad ~ Thomas Verbogt

Toen ik Lelystad boeklogde, van Joris van Casteren, was mijn verzuchting daarbij graag meer boeken te willen lezen waarin een stad zo duidelijk ook een personage is. En liefst dan natuurlijk een stad die ik niet heel goed ken.

Zo veel auteurs kozen al Amsterdam als decor dat deze plaats daardoor tot een literair cliché is geworden.

Het eerste licht boven de stad is een boek waarin Nijmegen nogal nadrukkelijk voorkomt. En alleen dat al maakt het bijzonder — ware het niet dat Nijmegen een studentenstad is, om de universiteit, die van rondom volk trekt; waarvan dan een deel ook nog eens schrijver wil worden.

De Nijmeegse universiteit is in deze uitgave daarmee eerder dat extra personage dan de stad.

Boeken waarin niet de studietijd maar de jongste jeugd van de schrijver in Nijmegen voorkomt, zullen er veel minder zijn.

Het eerste licht boven de stad biedt een opvallend tweeluik. In het eerste deel van het boek schrijft Thomas Verbogt herinneringen op aan zijn vriend Frans Kusters [1949 — 2012]. De tweede helft biedt een bloemlezing uit verhalen en columns van Kusters zelf — die opvallend anders waren dan de verhalen die ik eerder van hem las.

Dat portret van Kusters vond ik een opvallend genoeg een typische mannenvriendschap tonen — hoe liefdevol deze herinneringen verder ook zijn opgeschreven. Verbogt verzwijgt nogal wat over zijn vriend. Hij vertelt een heleboel niet dat elke biograaf wel belangrijk zou vinden om te noemen. Misschien omdat hij zulke details uit Kusters’ leven niet kende; wellicht ook omdat beide er simpelweg nooit over gepraat hebben. Hoe veel zij verder ook praatten.

Hun vriendschap moet zeker in het begin bekrachtigd zijn op het gezamenlijk dingen doen, en de plannen die zij maakten. En de herinneringen daaraan zijn nu juist wel heel belangrijk.

De bloemlezing uit Kusters’ verhalen smaakte onmiddellijk naar meer. Om de onderkoelde humor bijvoorbeeld. Daar waar een eerste kennismaking met zijn werk die reactie niet opriep; misschien omdat de verhalen in Het milde systeem bewust ongrijpbaar waren gemaakt.

Ik kwam ook niets tegen dat ik al kende. Verbogt koos uit slechts drie bundels: De reis naar Brabant [1975], Scherven [2007], en Paarse dingen [2009]. En er zijn er nog meer. Er is zelfs een roman.

Waarschijnlijk zal een groot deel van de opgenomen verhalen gekozen zijn om het autobiografische gehalte — want Nijmegen is vaak het vanzelfsprekende decor, en de faculteit Rechten aan de universiteit daar in het bijzonder.

En ik merkte dat mijn plezier met de inhoud me welhaast tot een keuze dwong. Er is dus nog een ‘minor writer’ met een heel oeuvre te ontdekken, waarvan het moeite kosten zal de juiste boeken te pakken te krijgen.

Thomas Verbogt, Het eerste licht boven de stad
Herinneringen aan Frans Kusters
en een keuze uit de verhalen

269 pagina’s
De Bezige Bij, 2013

My Generation ~ Thomas Verbogt

Toen onlangs Pierre Beek overleed, de zanger van Hank the Knife and The Jets, zei me dat niet veel. De groep had wat hitjes gehad toen ik nog niet naar muziek luisterde. En éen van de platen wordt tot op de dag van vandaag gedraaid in het verzoekprogramma Arbeidsvitaminen. Wel herinnerde ik me meteen dat Thomas Verbogt een prachtig portret van de groep had geschreven.

Dit was niet helemaal waar.

Verbogt woonde even naast Hank the Knife, alias Henk Bruysten. Dat was de bassist van de groep, die altijd in zijn muziekstudio thuis zat, omdat hij van optredens en reizen heimwee kreeg. Rock ‘n’ roll in Nederland, het blijft wat behelpen. En deze Hank the Knife komt in twee verhalen in dit boek terug. Die overleden zanger in niet éen. Wijlen Long Tall Ernie dan weer wel, net als Herman Brood, maar ook omdat daarmee iets over Arnhem te vertellen viel. Die vreemde provinciehoofdstad van Gelderland. Vreemd althans voor wie er niet woont. En helemaal een andere wereld voor wie uit het nabijgelegen Nijmegen komt.

My Generation bevat verder erg prettig geschreven memoires over welke muziek invloed had op Verbogt. Zoals bij iedereen maakte vooral indruk wat hij hoorde tijdens zijn middelbare schooltijd. The Rolling Stones. Dylan, natuurlijk Bob Dylan. Maar nog zo veel meer. Kaz Lux.

Enerzijds zijn die verhalen verschrikkelijk herkenbaar, omdat bijna iedereen muziek heeft die ooit grote indruk maakte. En dus kent elke lezer ook de misverstanden die ontstaan als anderen dezelfde nummers om helemaal de verkeerde redenen goed vinden. Tegelijk blijven de beschouwingen bij alles mild verbaasd en dus typisch Verbogt.

Heel atypisch besluit het boek met een melancholisch verhaal over een veel recentere held. Townes Van Zandt. Thomas Verbogt gaat naar éen van diens laatste concerten, voor amper dertig man, ergens in Rotterdam. Twee maanden later is Van Zandt dood. En als dat verhaal iets zegt, danwel dat hij nooit sterft, zolang zijn muziek er nog is, en daar met zo veel ontzag over gepraat wordt.

Thomas Verbogt, My Generation
127 pagina’s
L.J. Veen, 2000

* Om het veel te zilveren kaft van het boek niet behoorlijk in te scannen was, hieronder ook een foto